Reisverslag Canal du Midi 2000
We staan stil op station Roosendaal als ik voor het eerst de pen pak om verslag te doen van onze reis. We gaan voor het eerst varen en hebben daarvoor het Canal du Midi uitgekozen. Het Canal du Midi is tussen 1667 en 1681 gegraven en verbindt de Middellandse Zee met de Atlantische Oceaan. Samen met het Canal Latéral à la Garonne heet het daarom ook wel Canal des deux Mers. Het kanaal loopt noordelijk langs de Pyreneeën. Het Canal du Midi staat sinds 1997 op de Unesco-lijst van werelderfgoed. Ik heb er erg veel zin in de tocht. We varen van Argens (ca 50 km van Béziers) naar Négra (ca 20 km van Toulouse) in westelijke richting. In totaal zullen we zo'n 120 kilometer varen.
Het is vrijdag 28 april en het is een warme zonnige dag in Nederland. De temperatuur bij het Canal du Midi is volgens de weerberichten zo'n 8 graden lager dan hier. Het is benauwd in de trein en druk. Ik heb tussen Assen en Zwolle moeten staan en opnieuw tussen Rotterdam en Dordrecht. Na Dordrecht heb ik een klapstoeltje in de gang bemachtigd en nu ben ik gepromoveerd naar een gewone stoel.
Mijn kinderen, Pepijn (9) en Maarten (7) voeren gesprekken met medepassagiers: Waar gaan jullie heen? Wij gaan naar Toulouse om te varen in Zuid-Frankrijk. Ik voel me wel ontzettend rijk dat wij zo'n vakantie kunnen hebben.
======
Inmiddels zijn we gearriveerd in Toulouse. Ook in Brussel waar we de slaaptrein instapten was het warm en benauwd. Om tien uur maakten we de bedden klaar. In de trein slaap je wel en niet. Ik ben momenten in slaap geweest maar ook veel wakker. Toen ik dacht dat het wel ongeveer ochtend zou zijn vroeg ik Marga hoe laat het was. Het was toen nog maar kwart voor twee, nog vijf uur te gaan.
Om halfzeven werp ik een blik uit de trein. We rijden op nog geen tien meter van het Canal Latéral à la Garonne. De dampen slaan van het water in de nog wazige ochtendlucht.
Om kwart over zeven stoppen we voor de restauratie van het station in Toulouse. We nemen daar een kop koffie en ontbijten met een heerlijk croissantje. Na het ontbijt kijk ik hoe we verder kunnen. De trein naar Lézignan blijkt pas om zes voor twaalf te vertrekken. We doen onze bagage in een bagagekluis en lopen een stukje door Toulouse. Het Canal du Midi blijkt pal voor het station te liggen. We volgen het kanaal in de richting van de Garonne. We passeren een aantal sluizen met een verval van wel vier tot vijf meter. Vroeger waren dit vast dubbele sluizen. Helaas willen Marga en de kinderen niet zover lopen. We zien geen enkele boot varen, wel eenden, ratten en een waterschildpad.