Paasdienst in de Lutherse Kerk te Heusden 8 april 2007

Koor – als alles duister is tt 163

De antependia worden gewisseld: het paars van het lijden maakt plaats voor het stralende wit van de Opstanding

De Paaskaars wordt aangestoken, en vanaf de paaskaars de andere kaarsen in de kerk.
Het Licht van Christus!

Allen: liedboek 212:1

Wij zijn hier aanwezig in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
Amen

Onze Hulp is in de Naam van de Heer  
die hemel en aarde gemaakt heeft.


Zo lief had God deze wereld, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft aan het verderf ontkomt, en eeuwig leven hebben mag!

Laten we dan dankbaar de grote daden van God gedenken met het zingen van het volgende lied.


Hoe hadden wij onze bestemming vernomen,
was Jezus de weg niet ten eind’ gegaan?
Wie zouden wij zijn als Hij niet was gekomen
om in zijn lichaam onze dood te doorstaan! 

Hoe zouden wij ooit voor elkaar kunnen leven,
had Hij ons de liefde niet voorgeleefd,
die tot de dood zich prijs heeft willen geven,
die Zoon van God, ons aller knecht is geweest.

Laten we de Heer aanroepen om ontferming met de nood van deze wereld,
maar laten wij dan ook Zijn naam prijzen,
omdat er aan Zijn barmhartigheid geen einde komt!

Zondagsgebed
Lieve God, wij danken U omdat Uw Liefde verder kijken kan dan onze beperkingen,
en in ons ziet de mens die wij kunnen en mogen wezen.
Doe die in ons opstaan, door het sterven en de opstanding van Jezus Christus onze Heer,
nu
en alle dagen van ons leven.
Amen.

Lezing Jesaja 51: 9 - 11
God roept Zijn volk in nood óp om te vertrouwen, Hij zal voor ze zorgen.
En dan klinkt het vanuit het volk:

Waak op, waak op, bekleed U met kracht, o sterke arm van de Aanwezige
Waak op als vanouds, ten tijde der oeroude geslachten...
Die (arm) is het immers die de schaamteloosheid verpulvert, de zeemonsters kapot maakt.
  Die (arm) is het immers die de zee doet opdrogen, de vele wateren der grondeloze oceaan,
zij maakt de diepten der zee tot een weg waarover de vrijgekochten vrije doorgang hebben.
 Zij
, voor wie de Aanwezige de losprijs betaalde, keren terug,
ja, ze gaan naar Sion al zingend, en vol eindeloze vreugde, hun hoofd gekroond met blijdschap,
ja, vreugde overvalt ze, kommer en zucht zijn gevlucht.     
     
          

Ons loflied is uit de nieuwe bundel Tussentijds 165
We zingen het: 1 koor, 2 koor en gemeente, 3 gemeente, 4 koor, 5 koor en gemeente!
En dat staat ook zo in uw boekje.
Een nieuwe melodie, maar als u goed luistert zingt u ‘m straks zo mee bij het tweede couplet

Epistel: Colossenzen 3: 1 – 4 nbv:
Ook in de jonge kerk zijn er mensen die menen dat er orde moet zijn, en vooral: veel regels.
Maar Paulus zegt: dat is de manier waarop de wereld werkt.
Jullie zijn andere mensen geworden, en jullie mogen denken met en als Christus,
dus als jullie mét Christus zijn afgestorven aan de wereldgeesten en opgewekt tot een nieuw bestaan in Hem,
dan moet je je niet laten knechten door allerlei
regeltjes alsof je nog in de wereld leeft.
Hij gaat dan verder met onze lezing:
  1 Als u nu met Christus uit de dood bent opgewekt, streef dan naar wat boven is,
waar Christus zit aan de rechterhand van God.
2 Richt u op wat boven is, niet op wat op aarde is.
3
U bent immers gestorven, en uw leven ligt met Christus verborgen in God.
4 En wanneer Christus, uw leven, verschijnt, zult ook u, samen met Hem, in luister verschijnen.

De psalmist zingt ons voor: Halleluja! Dit is de dag die de Heer heeft gemaakt.
Laten wij juichen en ons verheugen! (ps. 118:24)   HALLELUJA!
Het Heilig Evangelie staat geschreven bij: .Johannes 20: 1 – 18 Naardense bijbel.
1 Op de eerste dag na sabbat komt Maria Magdalena vroeg, als het nog donker is, aan bij het graf 
en ontwaart dat de steen uit het graf gehaald is.
2 Ze rent dan weg en komt aan bij Simon Petrus en bij de andere leerling,– die welke Jezus het meest heeft liefgehad,
en ze zegt tot hen: ze hebben de Heer uit het graf gehaald en we weten niet waar ze hem hebben gelegd! 3 Dan gaat Petrus mee naar buiten, en de andere leerling ook, en zo zijn ze aangekomen bij het graf.
4 De twee zijn tegelijk erheen gerend, maar de andere leerling loopt sneller dan Petrus en komt als eerste aan bij het graf;
5 hij bukt erbij neer en wordt gewaar dat de lijkwindsels daar zomaar liggen; hij gaat echter niet naar binnen.
6 Dan komt, volgend op hem, ook Simon Petrus aan, en die gaat de grafkamer binnen;
hij aanschouwt hoe de lijkwaden daar liggen,
7 en ook de zweetdoek die Zijn hoofd bedekt heeft,– dat die niet bij de lijkwaden ligt maar apart, opgerold op een eigen plek.
8 Dan pas gaat ook de andere leerling naar binnen,– die als eerste bij het graf is aangekomen;
als hij alles heeft gezien begint hij te geloven.
9
Want ze hadden nog geen besef van het Schriftwoord dat Hij uit de doden moest opstaan.
10 Dan gaan de leerlingen weg, weer naar hun metgezellen.
  11 Maar Maria was blijven staan bij het graf, erbuiten,– weeklagend; in haar weeklacht dan bukt zij neer, de grafkamer in,
12 en aanschouwt hoe daar twee engelen in witte gewaden zitten,
één bij het hoofdeind en één bij de voeten, daar waar het lichaam van Jezus heeft gelegen.
13 Zij zeggen tot haar: vrouwe, waarom deze weeklacht?
En zij zegt tot hen: omdat ze mijn Heer hebben weggehaald, en ik weet niet waar ze Hem hebben gelegd!
14 Dat zeggend keert zij om, kijkt achter zich en aanschouwt Jezus die daar staat,
– en ze heeft niet geweten dat het Jezus was.
15
Jezus zegt tot haar: vrouwe, waarom deze weeklacht,– wie zoek je hier?
En ze denkt dat het de tuinman is en zegt tot hem:
heer, als ú Hem hebt weggedragen, zeg me waar u Hem hebt neergelegd dan zal ik op mijn beurt Hem daar ook ophalen!
16 Jezus zegt tot haar: Maria! Zij keert om en zegt tot hem in het Hebreeuws: rabbóeni!– dat wil zeggen: meester!
17 Jezus zegt tot haar: houd mij niet vast!, want Ik ben nog niet opgeklommen naar de Vader;
maar ga naar Mijn broeders en zeg tot hen: Ik klim op naar Mijn Vader en uw Vader, Mijn God en uw God! 18 Als zij, Maria Magdalena, aankomt, verkondigt ze aan de leerlingen ‘ik heb de Heer gezien’,
en dat Hij dit alles tot haar heeft gezegd.
Zalig die het Woord van God horen en er gehoor aan geven!
In antwoord op Gods Woord willen wij ons geloof belijden:

Wij geloven in God - Schepper van hemel en aarde.
Heer over alle machten

Die om ons van alle macht heeft afgezien
en in Jezus de prijs heeft betaald voor onze overtredingen.

Die in eenvoud tot ons kwam,
en werd verraden en vermoord - gekruisigd...

maar Hij overwon de dood!

Na drie dagen opgestaan ten leven
verscheen Hij aan vriend en vijand;

weer in Zijn hemels rijk terug zond Hij Zijn Geest
die ieder mens bezielen wil tot leven in de Heer.

Tot  een geméénschap van heiligen,
door een doop, door vergeving van zonden,

tot leven in  der eeuwigheid.  Amen (Gereformeerde manieren moeten we nog een beetje leren:
geef even pepermuntjes door! Ze hebben de vorm van hartjes.
Proeft en ziet hoe zoet Gods woord is, zeggen onze Joodse broeders en zusters.)

Preek  
GENADE ZIJ U EN VREDE VAN GOD ONZE VADER EN VAN JEZUS CHRISTUS, ONZE HEER,
DOOR DE HEILIGE GEEST.


Lieve mensen,

Soms halen dingen het nieuws, die we niet moesten weten. 
Ik denk aan de ontknoping van de zaak rond Arjan Erkel, die zo lang vast zat, en voor wie een stevige losprijs is betaald.
Een losprijs waarover nog lang is gesteggeld, want wie had wat voorgeschoten, en wie moest uiteindelijk betalen?
Het heeft veel stof doen opwaaien…
En er zijn natuurlijk mensen die zich afvragen of Iran wel tevreden was met  halfslachtige excuses
en afgedwongen bekentenissen van de 15 Britse militairen, die ‘ter gelegenheid van de verjaardag van de profeet,
het Paasfeest en de nationale feestdag werden vrijgelaten’!
Maar áls er voor hen al een bedrag is betaald,
dan is het zeker niet de bedoeling dat wij ooit de hoogte van het losgeld zouden weten, net zomin als dat bij Arjan Erkel het geval was.

In de bijbel is het verschijnsel ‘losprijs’ een bekend gegeven.
We hoorden er al over in de profetie van Jesaja,
en je vraagt je af wat de mensen zullen hebben gedacht over de losprijs, die God voor Zijn volk in ballingschap zou betalen…. Wat dat zou moeten zijn…
Ik heb er eerlijk gezegd geen idee van.

Maar de basisgedachte is dat iemand die je dierbaar is, en in de macht van een ander is gekomen,
door welke oorzaak dan ook, niet ‘zomaar’ vrij kan komen.
Daar moet iets tegenover staan. Iets substantieels. Een echt offer.
Een leven voor een leven is dan nog een matige prijs.
Oog om oog, tand om tand is al een goddelijk vermaan tegen de al te excessieve vraagprijs,
die in de vaak primitieve samenleving van het Oude Testament nog wel eens opgeld deed. In de Jesaja-profetie horen we hoe eenmaal de verschrikkingen van land en zee bedwongen zullen worden door God,
die ze aanvalt met Zijn sterke hand, en hoe de zo vrijgekochten terug zullen komen met gejuich en intense vreugde, terug naar Sion, want dáár is de plek om God te loven, dáár is de heilige tempel.
Daar is het feest, en daar is het leven goed. Want daar is God het centrum.

En alle wegen leiden dan met een sneltreinvaart naar Jeruzalem, naar Sion, voor hen.
Zelfs de diepten van de zee vormen geen belemmering, heuvels en dalen maken het de reiziger niet moeilijk,
en ongedierte of slechte mensen vind je niet op die weg, lezen we in andere profetieën die Jesaja mag doorgeven.
Want niets mag de lof voor Gods grote daden in de weg staan.
Is het niet onze opdracht en roeping om die uit te bazuinen en te bezingen,
zoals we hier vandaag in de kerk ook hebben gedaan en zullen doen?

En met reden! Want we weten nu wat de losprijs is geweest die God heeft betaald voor allen die verloren waren geraakt. Niet alleen voor de ballingen die waren weggevoerd uit het Beloofde Land,
maar voor al die mensen die op de een of andere manier van God lós zijn geraakt, ook voor u en mij en onze kinderen….
We weten nu, en we hebben het de laatste dagen vaak heel bewust meebeleefd, op allerlei manieren,
wat de ontzaggelijke prijs is geweest, die God heeft betaald in het lijden van Jezus, Zijn Zoon,
Zijn toekomst, Zijn zekerheid van voortbestaan.
Dat alles heeft Hij op het spel gezet om ons terug te winnen.
Om ons weer aan het hart te kunnen sluiten. 
Van díe losprijs vam iedereen weten! 
Van die losprijs móét iedereen weten!!!

Het Joodse volk viert deze dagen ook het Paasfeest.
Zij vieren en gedenken wat Jezus vierde en gedacht tijdens Zijn laatste avond in dit leven als kwetsbaar mens op aarde.
Zij vertellen elkaar van de grote daden van God, die de mens uit de slavernij heeft gevoerd in de vrijheid.

En er zijn veel vormen van slavernij waar de mens onder kan zuchten, en de meesten doen we elkaar of onszelf aan.
Je hebt niet alleen die van het ene volk dat het andere overheerst en onderdrukt, zoals destijds in Egypte,
en later in Babylon,
maar er zijn ook vandaag de dag vreselijke vormen van uitbuiting en ontrechting van de ene mens door de andere mens.
In arbeidsverhoudingen, binnen gezinnen en in allerlei andere relaties.
Maar er is nog meer de onvrijheid die de mens zichzelf aandoet, en die we elkaar aandoen,
in de ideeën die ons doen en laten bepalen. Normen en waarden, die we klakkeloos overnemen, zonder er over na te denken, vage noties, waarvan we ons nauwelijks bewust zijn, oordelen die mensen over elkaar uitspreken of die ze denken,
en waarin de ander dan voor 't gevoel  gevangen zit, doordat hij of zij niet in staat is om te denken en te zeggen: Wacht eens even, zo zit ik niet in elkaar!
Wij zetten mensen op een voetstuk die daar niet horen, wij trappen mensen de modder in, die in wezen boven ons staan.
En dat willen we zo houden, door allerlei regeltjes en bepalingen.
Maar ook van dát kwaad heeft de Heer ons losgekocht.

Als wij ons leven verbinden met dat van Christus, met dat van God-met-ons, dan is dat een bewuste keuze.
En als wij voor God en voor Jezus kiezen,
dan zijn wij door Zijn overwinning op zonde en dood zelf ook sterk genoeg om ‘nee’ te zeggen tegen wat niet bij Hem past.
Nee te zeggen tegen een manier van leven die op ons zélf gericht is. En om ja te zeggen tegen wat – zoals Paulus het uitdrukt – ‘boven’ is.
We zijn met Gods hulp sterk genoeg om Ja te zeggen tegen een leven met God en voor God,
en dan is ons leven met Christus verborgen in God.

Verborgen in God?

Denk aan de wolkkolom en de vuurkolom, die het volk Israël begeleidden in de woestijn.
Die gingen voor het volk uit, als gids en geleide, maar ze verborgen het volk ook voor de vijanden.

Zo kan ons leven zichtbaar zijn voor God, en niet herkend worden door Zijn vijanden. Omdat we op een ander vlak leven.
Omdat onze blik anders gericht is, naar God gericht is.
Als een ander niet naar jou kijkt, kun je vlak langs elkaar heen lopen, zonder elkaar op te merken. Dat is heel wonderlijk.
En omdat onze blik, onze aandacht is gericht op God, is daar niet de ontmoeting met Gods tegenkrachten.

Sommige mensen leven inderdaad in een heel eigen wereld met God,
en lijken een zekere onaantastbaarheid daarin te hebben. We mogen ook denken aan het Evangelie, waar Maria de Opgestane niet herkende.
Omdat ze Hem niet verwachtte, en omdat ze vol verdriet was…
Zeker waar, want wie met zichzelf bezig is, heeft geen oog voor de ander, en zeker niet voor de Ander met een hoofdletter.
Maar we horen en lezen ook telkens over een eigenschap van Jezus,
waardoor Hij na Zijn dood en opstanding niet meer vanzelf wordt herkend.
Hij heeft een extra dimensie. Hij is gehuld in God. God is in Hem en om Hem heen.
En we moeten God zien, om Jezus te kunnen zien.
Maar als wij Hem niet zien, roept Hij ons bij name.
‘Maria’
Mijn meester! :-)))
Zo kan dat gaan. We zingen soms over God, als over een mantel om ons heen geslagen… Zo is Hij óók voor hen die Hij heeft vrijgekocht, en die op hun beurt hun leven aan Hém willen geven.

Laten we dat doen, lieve mensen, Hij is het zo waard.
Hij heeft ons zoveel gegeven, Hij heeft zoveel voor ons over gehad.          
Hij heeft nog zoveel te geven.
Vreugde en liefde te over, ook in gemis en verdriet. Leven in eeuwigheid.
Genade en vergeving. Vrijheid. Heel veel vrijheid en zelfstandigheid.
Liefde. Liefde om te ontvangen en om door te geven.
Aan God, aan elkaar, aan alle schepselen van deze aarde, zodat ze met ons mogen vieren en danken, vervuld van een intense vreugde.
Gedenken wij dankbaar de daden des Heren, en laten we die vertalen naar ons eigen leven,
onze eigen situatie, in het groot of op de vierkante centimeter waar we leven. Dat maakt niet uit.
Als God maar het middelpunt van ons bestaan is, als we daar iedere dag naar streven, dan kan ons leven niet meer stuk, wat er verder ook allemaal tegen zit.
We zijn Gods geliefde kinderen. Allemaal.
En we zijn vrijgekocht om Zijn grote daden te bezingen.
Hier en overal waar God centraal staat. Daar woont Hij Zelf.
Daar wordt Zijn heil verkregen, en leven tot in eeuwigheid.
God heeft iets speciaals gemaakt van Pasen.
Als wij elkaar en anderen gelukkig maken, dan maken ook wij iets speciaals van Pasen! 
Amen.

Muziek
Koor: All Gods creatures...
De wereld is wijd en Gods goedheid is groot.
Vanuit ons aandeel mogen wij helpen en delen,
nu in de collecte, straks weer anders…
Na het gebed over de gaven zingen wij: gezang 215
Collecte

Gebed over de gaven Grote God, vol eerbied komen wij tot U met onze gaven.
Wil ze aanvaarden, wil ook ons aanvaarden.
Door Jezus Christus, onze Heer. Amen.

Lied 215
Prijst nu Christus in ons lied, halleluja,
die in heerlijkheid gebiedt, halleluja,
die aanvaardde kruis en graf, halleluja,
dat Hij zondaars 't leven gaf, halleluja!

Maar zijn lijden en zijn strijd, halleluja,
heeft verzoening ons bereid, halleluja!
Nu is Hij der heemlen Heer, halleluja!
Englen juublen Hem ter eer, halleluja!

Voorbeden:
Laten we danken en bidden:
Lieve God, wij danken U dat U ons en heel deze wereld hebt willen vrijkopen en bevrijden
van alles wat ons vastketende aan zonde en schuld, aan minachting of grootheidswaan,
aan ziekte en dood, aan angst en geweld.
Voor allen die dat mensen of dieren aandoen willen we bidden.
Want we weten dat we zelf daar niet steeds vrij van zijn.
Heer, kom met Uw Heilige Geest en wil ons verlichten,
wil onze blik verscherpen en verzachten in het licht van Uw Liefde,
en leid ons telkens weer en telkens meer op de kortste weg naar U toe.
Dat wij vanzelf Uw lof willen zingen, dat onze mond over U niet zwijgen kan.
Dat wij natuurlijk de dingen willen doen die bij U passen, en daarom ook bij ons.

Lieve God, wij danken U dat wij rijk, gezond en vrij genoeg zijn om hier bij elkaar te zijn en bij U te zijn,
om Uw feest van bevrijding te vieren.
Wij bidden U voor hen die hier wel zouden willen wezen, maar niet konden, om zoveel redenen… U kent ze.
Wees bij zieken en gezonden, bij treurenden en bij eenzamen, juist déze dagen…

Wij bidden U ook voor hen die de uittocht uit Egypte vieren,
maar die de uittocht uit hun eigen angst niet mee kunnen maken,
en die van het Beloofde land een fort maken, dat mensen aan alle kanten tot gevangenen maakt.

Lieve God, wij danken U voor het grote offer dat U voor ons hebt gebracht,
in Hem die ons leerde bidden en danken, zoals nu gezongen wordt…
Onze Vader NBV melodie Rimsky-Korsakov
Allen staande slotlied gezang 217
Jezus leeft! Hem is het rijk   over al wat is gegeven. En ik zal, aan Hem gelijk,   eeuwig heersen, eeuwig leven. God blijft zijn beloften trouw, -   dit is al waar ik op bouw. Jezus leeft! Hem is de macht.>   Niets kan mij van Jezus scheiden. Hij zal, als de vorst der nacht   mij tenakomt, voor mij strijden. Drijft de vijand mij in 't nauw, -   dit is al waar ik op bouw. Jezus leeft! Nu is de dood   mij de toegang tot het leven. Troost en kracht in stervensnood   zal de Levende mij geven, als ik stil Hem toevertrouw:   `Gij zijt al waar ik op bouw!' Zegen: De gemeenschap met God,         
met alle heiligen en elkaar vervulle Uw harten en gedachten,        
Uw doen en laten,
Uw bidden en danken.
Van nu aan tot in alle eeuwigheid.
Allen: Amen