1 Het zelfbewustzijn van het jodendom

 

 

ELLIPTISCH DENKEN

De godsdienstfilosofie heeft twee ouders: de filosofie en de godsdienst. Ze is niet geboren uit de bezinning van de godsdienst op zichzelf, maar uit de ontmoeting van beide. Alle godsdienstfilosofie ontstaat wanneer zowel godsdienst als filosofie beweren ideeën te bieden aangaande de uiteindelijke problemen. Omdat de Griekse godsdienst niet beweerde een bron van dergelijke ideeën te zijn, ontstond de godsdienstfilosofie niet in Athene maar in de ontmoeting tussen het jodendom en de Griekse filosofie.7

Godsdienstfilosofie is een vorm van polariteit; als een ellips draait ze om twee brandpunten: filosofie en godsdienst. Met uitzondering van twee punten op de kromme baan die even ver van de beide brandpunten verwijderd zijn, verwijdert haar denken zich verder van het ene naarmate het dichter bij het andere komt. Het onvermogen om de geweldige spanning tussen filosofische en godsdienstige categorieën aan te voelen heeft veel verwarring veroorzaakt.

Deze unieke toestand van blootgesteld zijn aan twee verschillende krachten, aan twee wedijverende bronnen van verstaan, moet niet worden prijsgegeven. Want juist die spanning, dat elliptische denken, is een verrijking zowel voor de filosofie als voor de godsdienst.

 

 

 

Abraham Joshua Heschel:
God zoekt de mens

Een filosofie van het jodendom

Vertaald uit het Engels door Daniël Mok

Fenomenologische klassieken deel 4