5 Het gevoel voor het mysterie
1 VER WEG EN DIEP
In het boek Prediker lezen wij het verhaal van een man die wijsheid zocht, die op zoek was naar inzicht in de wereld en zijn betekenis. Ik zei tegen mezelf: Laat ik wijsheid zoeken (7:23) en: Ik zocht met heel mijn hart naar wijsheid. Alles wat de mens op aarde onderneemt, wilde ik doorgronden. (8: 16). Slaagde hij daarin? Hij zegt: Ik heb meer en groter wijsheid verworven dan iedereen die voor mij in Jeruzalem heeft geregeerd. (1:16). Maar uiteindelijk besefte hij dat bij alles wat God doet onder de zon, hij doet wat hij doet. De mens is niet in staat de zin ervan te vinden. Hij tobt zich af en zoekt ernaar, maar hij vindt hem niet, en al zegt de wijze dat hij inzicht heeft, ook hij is niet in staat de zin ervan te vinden (8:17).
Ik zei tegen mezelf: Laat ik wijsheid zoeken, maar ze bleef ver weg. Ver is alles wat er is geweest, dieper nog dan diep. Wie zal ooit inzicht vinden? (7:23-24). Prediker zegt niet alleen dat de wijzen der wereld niet wijs genoeg zijn, hij stelt het drastischer. Wat bestaat is meer dan wat men ziet; het is ver weg en onpeilbaar. Het zijn is mysterieus.
Dit is een van de voornaamste inzichten van Prediker: Ik heb gezien dat het een kwelling is, die hem door God wordt opgelegd. God heeft alles wat er is de goede plaats in de tijd gegeven, en ook heeft hij de mens inzicht in de tijd gegeven. Toch kan de mens het werk van God niet van begin tot eind doorgronden. (3:10-11).1
Wijsheid ligt buiten ons bereik. We zijn niet in staat inzicht te krijgen in de uiteindelijke betekenis en bedoeling van de dingen. De mens kent de gedachten van zijn eigen geest niet en hij is evenmin in staat om de betekenis van zijn eigen dromen te begrijpen. (Daniël antwoordde de koning: ‘Wijzen, bezweerders, magiërs noch toekomstvoorspellers kunnen het mysterie dat de koning wil begrijpen aan hem onthullen’.)
Abraham Joshua Heschel:
God zoekt de mens
Een filosofie van het jodendom
Vertaald uit het Engels door Daniël Mok
Fenomenologische klassieken deel 4
najaar 2005