Chassidisme
Religieus-orthodoxe
beweging, die
onder leiding
van rabbi
Israël ben
Eliëzer
(1698–1760),
bijgenaamd de
Baäl Sjem Tov,
in de eerste
helft van de
18de eeuw
ontstond en
zich snel
verbreidde over
Oost- en
Midden-Europa.
Eind 19de eeuw
behoorde de
meerderheid van
de
Oost-Europese
joden tot het
chassidisme.
Momenteel
liggen de
centra in
Israël en de
Verenigde
Staten. In
menig opzicht
speelt het
chassidisme in
deze beide
gebieden een
rol van
betekenis.
1. ONTSTAAN
Het chassidisme
ontstond in een
maatschappelijk
klimaat van
oorlog en
vervolging.
Overheidsmaatregelen
en pogroms, met
name onder
leiding van de
kozakkenhetman
Bogdan
Chmielnicki,
leidden tot
volledige
verpaupering
van de joodse
bevolking van
Oost-Europa,
met o.a. als
gevolg dat de
joodse
gemeenschap
niet langer in
staat was om de
traditionele
religieus-educatieve
instituten in
stand te
houden.
Daardoor
ontstond een
twee-standenmaatschappij,
bestaande uit
een geschoolde
elite en een
ongeschoolde
massa.
Ook de
messiaanse
beweging van
Sjabtai Zwi en
in een latere
periode de
zogenaamde
Frankische
beweging (zie
Jakob Frank)
droegen bij tot
de interne
verdeeldheid.
2. POLEN EN
LITOUWEN
De joodse
gemeenschappen
in Polen en
Litouwen
vormden ‘een
staat in een
staat’, met een
door de
overheid erkend
organisatorisch
en
administratief
apparaat, o.m.
verantwoordelijk
voor de
inzameling van
belastingen. In
de
maatschappelijke
chaos die in
Polen heerste,
was effectief
bestuur echter
vrijwel
onmogelijk, te
meer daar de
joden verspreid
op het
platteland
woonden. In
Litouwen
woonden zij
vooral in de
steden; daar
kon het
bestaande
orthodoxe
bewind zich
beter
handhaven, als
gevolg waarvan
het chassidisme
in die streken
minder snel
toenam dan in
Polen, waar de
rondreizende
chassidische
mystici vele
volgelingen
wisten te
winnen.
3. RABBI LOERIA
De leer van het
chassidisme was
gebaseerd op de
mystiek van de
kabbalist rabbi
Jitschak Loeria
(1534–1572) uit
Tsefat (Safed),
en sloot aan
bij de
geestelijke
behoeften van
de ongeschoolde
massa door de
nadruk op zowel
de immanentie
als de
transcendentie
Gods. Door de
eerste
verkregen
dagelijkse
bezigheden een
religieuze
meerwaarde. Ook
zonder
diepgaande
talmoedische
kennis kon er
een religieuze
betekenis
gegeven worden
aan het profane
handelen, zoals
bijv. de gewone
beroepsmatige
bezigheden.
Centrale ideeën
van het
chassidisme
waren de
onderlinge
verbondenheid
van het joodse
volk, het
uitsluiten van
elke vorm van
toeval, de
nadruk op
vreugde in het
dagelijks
leven, in het
bijzonder
tijdens het
gebed, en de
gedachte dat er
in de gehele
schepping
vonken van
heiligheid
waren
neergedaald,
die door het
handelen van de
mensen naar hun
oorspronkelijke
positie konden
worden
teruggebracht.
Dit laatste
vond plaats
door ook het
profane
handelen op
zodanige wijze
te verrichten,
dat dit niet
alleen voldeed
aan de
rabbijnse
voorschriften,
maar tevens
gebeurde om
onzelfzuchtige
redenen. In
feite had dit
een gematigde
vorm van ascese
ten gevolge,
waarbij van elk
persoonlijk
genot afstand
werd gedaan.
4. DYNASTIEËN
Terwijl tegen
het einde van
het leven van
de Baäl Sjem
Tov de beweging
al ca. 10 000
aanhangers
telde, breidde
het chassidisme
zich over
geheel Midden-
en Oost-Europa
uit onder zijn
opvolger rabbi
Dov Ber, de
maggied
(prediker) van
Meseritz. Diens
leerlingen
vormden
erfelijke
dynastieën,
waarvan er
verschillende
tot in deze
tijd bestaan.
Deze
leerlingen, de
zogenaamde
chassidische
rebbes,
stonden,
evenals hun
afstammelingen,
bekend als
tsaddikiem
(volmaakt
rechtvaardigen).
Tussen chassied
en rebbe
bestond een
hechte band,
die meestal
voor het leven
werd aangegaan.
De rebbe of
tsaddiek werd
tevens
beschouwd als
hemelse
pleitbezorger
voor het joodse
volk. Voor de
chassied gold
zijn woord als
wet.
5. VERSPREIDING
Eind 19de eeuw
zijn de
chassidiem
grofweg in twee
regionale
richtingen te
verdelen: de
Poolse en de
Russische. Het
Poolse
chassidisme,
dat uit
tientallen
subgroeperingen
bestaat en dat
zich vanuit
Polen over
Hongarije en
Roemenië heeft
verspreid,
wordt vooral
gekenmerkt door
emotionaliteit
in het gebed en
allerlei
uiterlijke
tradities,
zoals eigen
kleding, die
soms per groep
verschilt.
In West-Europa
is het
chassidisme pas
goed bekend
geworden door
de geschriften
van Martin
Buber. Het
Russische
chassidisme,
waarvan de
Loebavitsjer of
Chabad-chassidiem
de voornaamste
vertegenwoordigers
zijn, wordt
gekenmerkt door
meditatie en
een nadruk op
ascese.
De grootste
Chassidische
gemeenschappen
bevinden zich
sinds de Tweede
Wereldoorlog in
de Verenigde
Staten (New
York) en
Israël. Door de
actieve
inspanningen
van m.n. de
Chabadbeweging
wint het
Chassidische
gedachtengoed
ook veld in
West-Europa en
Latijns-Amerikaanse
joodse
gemeenschappen.
© 1993 Het
Spectrum. Alle
rechten
voorbehouden.
Abraham Joshua
Heschel:
God zoekt de
mens
Een filosofie van het jodendom
Vertaald uit het Engels door Daniël Mok
Fenomenologische klassieken deel 4