Een kennismaking met de familie Van Emmerik.
Sinds 1912 drie generaties piano, orgel- en clavecimbelmakers.
Allen opgegroeid in Utrecht. Een overzicht van hun werk.


Tot 1740 heeft de familie Van Emmerik in het Duitse plaatsje Emmerich gewoond. Uit historisch onderzoek is gebleken dat het hier gaat om ambachtslieden op velerlei gebied. Zo vinden we o.a. boekbinders, kleermakers, knopendraaiers, leidekkers,een loodgieter en een beeldhouwer.
Na 1740 vertrok de familie Van Emmerik naar Nederland, waar ze zich in Utrecht vestigden en hun ambachten voortzetten.
Louis Pieter Gerard van Emmerik (1894-1975), grondlegger van drie generaties toetsinstrumentmakers werd geboren op 19 juni 1894 te Utrecht.
Voor 1910 begon hij aan de opleiding pianostemmer/reparateur bij de firma Smits te Utrecht. Hij kwam in 1912 in dienst bij de firma J.M.W. Stoker te Utrecht als pianostemmer en tevens om reparaties aan vleugels en piano's te verrichten.
Na vier jaar werkzaam te zijn geweest bij de firma Stoker zette hij zijn werk voort bij de firma G.A. Goldschmeding te Amsterdam met het doel zich verder te specialiseren in het vak. Naast zijn werk als pianostemmer maakte hij ook kennis met pianola's. Gefascineerd door dit instrument volgde hij de toenmalige opleiding automatische piano's.
Van 1918 tot 1923 heeft hij gewerkt als reparateur, piano- en orgelstemmer bij de firma P. Blad te Utrecht.
Daarna heeft hij ook nog enige tijd gewerkt bij Kettner's Pianohandel te Utrecht, waar hij zich het politoeren heeft eigen gemaakt.
Om zijn werkzaamheden verder te kunnen perfectioneren besloot hij om zelfstandig te gaan werken. Hij richtte in 1923 een werkplaats te Utrecht op. Zijn werkgebied besloeg Utrecht en omgeving.
Hendrik Marinus Jacobus van Emmerik (1922-1998), opvolger van het door zijn vader opgerichte bedrijf.
H.M.J. van Emmerik, geboren te Utrecht, was de jongste van de twee zonen van L.P.G. van Emmerik. Hij genoot zijn opleiding bij de firma J.A.H. Wagenaar te Utrecht. Nadat hij zijn opleiding had afgerond werkte hij nog enkele jaren bij de firma J.a.H. Wagenaar. Daarna besloot hij om zelfstandig te gaan werken.
Naast zijn eigen klantenkring werkte hij vanaf 1946 samen met zijn vader.
Deze samenwerking heeft tot 1959 geduurd en bestond uit:
- het reviseren van mechanieken
- het reviseren van clavieren en met name toetsbeleg
- reparaties van zangbodems
- het opnieuw besnaren van instrumenten
- het opnieuw fineren en politoeren van vleugels, piano's en hamoniums.
Omdat zijn vader over een ruime werkplaats met alle voorzieningen en gereedschappen beschikte, was er een samenwerking mogelijk.
Er werden zelfs speciale machines en gereedschappen ontworpen om alles zo perfect mogelijk te kunnen uitvoeren. Een voorbeeld hiervan is een machine die speciaal gemaakt was voor het zagen van toetsbeleg. Deze machine was voorzien van een uiterst dun zaagblad.
Ook stond er in de werkplaats een polijstmachine met twee grote verschillende schijven. Tevens waren er verschillende slijpmachines en wetstenen voor het scherpen van beitels en messen.
Vanaf 1970 ontstond er veel vraag naar nieuwe vleugels en piano's. Door het  jarenlange vriendschappelijke contact met een van de grootste importeurs van vleugels en piano's mocht H.M.J. van Emmerik als eerste een keus maken uit nieuw binnengekomen instrumenten, zodat hij aan zijn klanten prachtige instrumenten kon leveren.
Met de in de jaren tachtig groeiende belangstelling voor de pianoforte, maakte hij een kopie van een Weense vleugel.
Op dit instrument zijn door het hele land veel concerten gegeven.
In zijn vrije tijd was hij een enthousiast musicus. Hij componeerde, speelde viool en piano en richtte samen met zijn vrouw een Utrechts orkest op genaamd Camarata Trajectina.
Verder onderhield hij contacten met musici uit binnen- en buitenland.
Tevens gaf hij piano- en vioollessen. Uit alles blijkt dat muziek de boventoon voerde in de familie Van Emmerik.
Hugo van Emmerik ( 1950-         ) is de middelste van de drie zonen van H.M.J. van Emmerik. Hij komt voort uit een familie die reeds vele decennia bezig is met muziekinstrumenten.
De eerste beginselen van het pianovak leerde Hugo al op jonge leeftijd van zijn grootvader en vader. Als kind was hij gefascineerd door hout, houtbewerking en muziekinstrumenten. Hugo had regelmatig contact met zijn oom, die meubelmaker was bij de firma Pander te Amsterdam. Zijn oom kon Hugo veel uitleggen over houtsoorten en de toepassingsmogelijkheden ervan. Dit was voor Hugo een extra stimulans om een opleiding tot meubelmaker te gaan volgen in Utrecht.
Na zijn opleiding als meubelmaker voltooid te hebben is hij ruim drie jaar werkzaam geweest bij de firma J. de Koff, orgelmakers te Utrecht. Daarna heeft hij drie jaar gewerkt als pianostemmer en reparateur bij de firma J. Wagenaar te Utrecht.
Met de opgedane ervaring is hij in 1970 in Utrecht als clavecimbelmaker begonnen. Sinds 1978 oefent hij dit beroep uit in Heukelum.
Naast het maken van nieuwe clavecimbels houdt Hugo zich ook bezig met restauratie- en reconstructiewerkzaamheden voor musea en particulieren.
Met zijn meer dan dertig jarige ervaring en inzet is hij inmiddels op zijn vakgebied een begrip geworden in binnen- en buitenland.
Door de jaren heen heeft hij een enorme kennis opgebouwd van historische instrumenten.
Zijn royale werkplaats, zijn hout en materialenvoorraad en zijn kennis vormen de basis voor het op hoog niveau kunnen vervaardigen en restaureren/reconstrueren van toetsinstrumenten.

Gereedschappen

Hugo heeft altijd veel waarde gehecht aan goed gereedschap, zo heeft hij beitels laten maken van zeer hard staal, in afwijkende vormen, deze zijn bijvoorbeeld geschikt voor het maken van zwaluwstaartverbindingen.
Ook beschikt hij over meer dan 60 profielschaven en 20 gewone schaven.
De machines waar Hugo mee werkt zijn slechts voor het voorbewerken van het hout.
Het meest bijzondere is wel het in 1990 speciaal ontworpen houtbuigapparaat, hiermee kan hout zeer nauwkeurig tot op de millimeter gebogen worden.
Hugo kiest ervoor om alle onderdelen voor zijn instrumenten zelf te vervaardigen.
Ook het houtdraaiwerk, zoals poten of knopjes, draait Hugo zelf.
Hij werkt uitsluitend met massieve houtsoorten en andere natuurlijke materialen (geweven stof, huiden- en vislijm)
Het maken en afwerken van houten orgelpijpen ( firma de Koff).
Hugo van Emmerik  5 september 1969
L.P.G. van Emmerik in de Jaarbeurs te Utrecht  op 15 september 1956 met de "glazen vleugel".
H.M.J. van Emmerik aan de oude gracht 307 te Utrecht in 1973
L.P.G. van Emmerik stemt in 1914
Hugo van Emmerik stemt
29 februari 1972
Getuigschriften van L.P.G. van Emmerik