BITX17
 

 

 

 

 

 

 

 

 


Introductie

Vergeleken met HAMs  in de westerse landen zijn radioamateurs in India wat minder bedeeld als het gaat om zend- en ontvang apparatuur. Om meer amateurs in India te helpen in de  ether te komen heeft Ashar Farhan de BITX ontwikkeld. Dit is een transceivertje dat met eenvoudige middelen en voor minder dan 10 euro te bouwen is. Desondanks is de performance prima. Het gaat om een mono-band bi-directionel transceiver met huis-tuin-en-keuken NPN transistoren. Er is geen geavanceerde meetapparatuur nodig om deze SSB radio af te regelen, het aantal zelf te wikkelen spoeltjes is tot een minimum teruggebracht en er zijn geen ‘moeilijke’ onderdelen nodig. Zo is er in de TX eindtrap een IRF510  N-channel MOSFET gebruikt van 1 euro om ruim 5 Watt HF te maken. Kortom een fraai beginnersproject.

Om de amateurs in India aan DX-verbindingen te helpen is de BITX oorspronkelijk ontworpen voor de 20 m band en wordt daarom als BITX20 aangeduid. Door de VFO frequentie en afgestemde kringen te veranderen heb ik deze radio geschikt gemaakt voor de 17m WARC band (18.068 – 18.168 MHz). De 10 MHz middenfrequentie heb ik niet gewijzigd. Ik ben zo vrij geweest om de naam BITX17 te gebruiken. Mijn ultieme doel was om PSK31 verbindingen met deze QRP transceiver op 17 m te maken. Dat is gelukt. Kijk bij [Results] voor een overzicht van gemaakte QSOs en ontvangen stations.

Het is  ook mogelijk de BITX te bouwen voor een andere dan de 20 en 17 m band. Wie gaat deze uitdaging aan ?

Ashar Farhan laat op zijn website http://www.phonestack.com/farhan/bitx.html zien hoe hij de BITX heeft ontwikkeld en gebouwd.

De BITX20 van Ashar

 

Er bestaat zelfs een toegewijde Yahoo news groep voor BITX20-fans: http://groups.yahoo.com/groups/BITX20. Sluit je aan om ideëen en tips met andere BITX bouwers uit te wisselen..

Ontwerper van de BITX20, Ashar Farhan tijdens een interview met CNN

 

Asshar Farhan was interviewed for a CNN report (08-May-05, 20:00 UTC) on the Amateur Radio contribution to the Asian Tsunami disaster relief effort (see photo above). The program is 7 minutes long, but there is a 29 second clip showing the BITX20 and Farhan's interview. View the 29s video:

MPG version, 5.1MBytes
WMV version, 1.9MBytes

BITX20

De BITX20 die door Ashar ontwikkeld had de uitstekend presterende S7C ontvanger beschreven in de ARRL-publicatie ‘Experimental methods in RF design’ als uitgangspunt. De uiteindelijk ontwikkelde bi-directionele transceiver heeft een gevoelige ontvanger, die  prima met sterke HF ingangssignalen kan omgaan. De zender is stabiel en levert een schoon uitgangssigaal met voldoende HF uitgangsvermogen (iets boven QRP niveau) om (afhankelijk van de propagatiecondities) DX QSO’s te maken.

QSL kaart van mijn eerste BITX17 verbinding in RTTY modus

 

Ashar heeft een PCB voor de BITX20 ontwikkeld die door VU2PEP, geleverd kunnen worden ( pepindia@yahoo.com ). Voor de BIT17 heb ik geen gebruik gemaakt van geëtste PCBs maar (wederom) voor de ‘dead-bug ‘ methode gekozen (geen gedoe met ijzerchloride enzo).

 

De bron, de BITX20

NB: IC1 aansluiting 5 niet correct

 

Bouwtips van Ashar

 

Tijdens het bouwen heb ik een aantal tips in de praktijk toegepast.

 

 

 

 

 

Aan de rechterkant de ingeblikte VFO van mijn BITX17

 

 

Bi-directioneel

De meeste radio communicatie modes delen het principe dat ontvangers en zenders gebruik kunnen maken van dezelfde volgorde van functieblokken; alleen  de signaalrichting is omgekeerd. De CW direct conversie transceiver is het simpelste voorbeeld van dit 2-richtings principe. Zie de 30m QRP CW transceiver elders op mijn site. Een complexer voorbeeld is de bidirectionele SSB transceiver zoals hier beschreven.

Er bestaan ontwerpen van bi-directionele SSB transceivers die gebruik maken van bipolaire transisitors; meestal wordt het ontwerp niet veel eenvoudiger en deze componenten zijn nogal prijzig.

 

De breedband bi-directionele versterker

In  het hier gepresenteerde ontwerp worden RC gekoppelde bidirectionele breedband versterkers gebruikt. Er is uitgegaan van een simpel maar robuust basisontwerp met een aantal interessante eigenschappen:

  1. De spanningsversterking, in- en uitgangsimpedantie hangen niet af van de individuale transistorkarakteristieken maar zijn uiteindelijk alleen gerelateerd aan de waarden van de gebruikte weerstanden. Voorwaarde is wel dat de transistor voldoende versterking op de gebruikte frequenties heeft. In principe kan in de hier gebruikte schema’s een willekeurige NPN-transistor door een andere NPN-transistor vervangen worden. Of er nu een BC548 of BC107B wordt gebruikt; de schakeling blijft werken. De bovenfrequentie (en daarmee de bandbreedte) is wel transistorafhankelijk.
  2. De versterking hangt (in het algemeen) niet af van het gekozen transistortype. De transistoren zijn ingesteld op een versterking die veel kleiner is dan de maximaal haalbare versterking. Een voordeel hiervan is dat de versterkertrappen onvoorwaardelijk stabiel zijn op alle gebruikte frequenties en de frequentiekarakteristiek vlak is.
  3. Uitgangs- en ingangsimpedantie in de bi-directionele versterkertrappen zijn onderling als volgt afhankelijk: Rf * Re = Rl * Rin . (Re = emitterweerstand, Rl = uitgangsweerstand,  Rin = ingangsweerstand). Dit betekent dat voor een vaste waarde van Rf en Re, de uitgangs- en ingangsweerstanden elkaar beïnvloeden. Toename van de één doet de andere afnemen en vice versa! Bijvoorbeeld; wanneer Rf = 1000, Re = 10, en Rin = 50 ohm bedragen zal de uitgangsweerstand (1000 * 10)/50 = 200 ohms worden. Bedraagt Rin 200 ohms, dan zal in dit geval de uitgangsweerstand 50 ohms worden. 

Om een bidirectionele versterker te construeren, moeten twee van de hierboven beschreven basisschakelingen gecombineerd worden (kop-staart en staart-kop)  De richting van de versterking kan nu door het bijschakelen van voedingsspanning, naar elk der afzonderlijke trappen, gecontroleerd worden.

De diodes in the collectorlijn voorkomen dat de collector weerstand  (220 ohm)  de ingangsweerstand van de andere transistor beïnvloeden.

 

Diode mixers

Van nature zijn de diode mixers breedbandig en bidirectioneel. Dit heeft zowel voor- als nadelen. Een voordeel is dat het ontwerp niet-kritisch is; 8 of 20 windingen op de mixer trafoo maakt weinig verschil. Nadelen zijn er ook: Signalen met frequenties afwijkend van de IF-frequentie kunnen eenvoudig piepjes en fluitjes (3 IMD producten) in het bidirectionele mixer circuit veroorzaken. Dit is te voorkomen door ervoor te zorgen dat de IF signalen goed gefilterd zijn (X-tal filter !) en de in- en uitgangsimpedantie van de mixer identiek zijn (b.v. 50 ohm).

 

Circuit beschrijving BITX17

Het circuit is zo simpel mogelijk gehouden zonder afbreuk te doen aan de goede werking.

De ontvanger

Het HF front-end is voorzien van een  band-pass filter voor goede onderdrukking van spiegels en MF signaal onderdrukking. Een één-traps HF versterker (Q1) komt na het HF band pass filter. Er loopt zo’n  8mA door de HF versterker en de post-mix versterker (Q2) voor optimale performance. De post-mix versterker zorgt ook voor een correcte afsluiting van zowel het kristal filter als de diode mixer. De helderheid van de ontvanger hangt voornamelijk van de kwaliteit van deze trap af. Een slechte post-mix versterker degradeert de werking van het kristalfilter en introduceert stoorsignalen (fluitjes) afkomstig uit de diode mixer. Merk op date de mixer is enkelvoudig gebalanceerd om de VFO component uit te ‘nullen’. 

3 frontend spoelen op polyester afstandbusjes rechtsonder

 

De VFO voedt, via een breedband versterker, de enkelvoudig gebalanceerde mixer. Het oorspronkelijke schema gaat uit van een simpele 2 transistor VFO met variable condensator en varicap fine-tuning; snel afstemmen gebeurt met de variabele condensator en het nauwkeurige fine-tunen (langzaam) met toggleswitches op de huff en puff schakeling . Op deze manier is er geen dure (Johnsson) vertraging nodig. Ik heb het 2 transistor ontwerp laten varen (toch te veel drift) en gekozen voor een VFO op basis van FETs.

Natuurlijk heeft iedereen zijn favoriete VFO. In principe is iedere VFO hier inzetbaar, zolang de uitgangsspanning tussen de 1 Vpp en 1,5 Vpp ligt (uitgang Q7).  Ik heb gekozen voor een FET VFO van het series-tuned Clapp type, maar de 8 Hz stabiliteitseis voor PSK31 wordt (ook na een half uur wachten) niet gehaald. De lange termijn stabiliteit is zo’n 200 Hz. Volgens de ontwerper moet het mogelijk zijn met PSK31 (met het oorspronkelijke VFO ontwerp) te werken, maar ik heb hier grote twijfels over. De spoel- en C waarden van de Clapp VFO heb ik zodanig gewijzigd dat de  8.050…8.180 MHz band bestreken werd. 10 MHz hierbij opgeteld zorgt voor een dekking van de volledige 17m amateur band. Om toch een kristal-stabiele VFO te krijgen heb ik de hulp ingeroepen van de bekende huff en puff schakeling van PA0KSB, Klaas Spaargaren. Voor een paar euro aan simpele componenten (2x 74HCT4060, CA3140, xtal ) tover je instabiele oscillatoren om tot hoogwaardige VFO’s.

 

 

De Clapp FET VFO (Afgebeeld voor 10,1 MHz; Omgebouwd naar 8.05…8.18 MHz)

 

Met de twee screendumps van MixW (met een Philips wereldontvanger verbonden en afgestemd op 8.1 MHz) hieronder is goed de stabiliserende werking van de huff en puff schakeling te zien:

De vrijlopende Clapp VFO (drift > 500 Hz); half uur na inschakelen

 

Met huff en puff gestabiliseerde VFO (drift < 5 Hz); 10 minuten na inschakelen

 

De huff en puff schakeling van PA0KSB

 

De simpele 10 MHz MF versterker heeft een vaste versterking. De MF versterker heeft een 100 pF uitgang om de audiofrequenties te blokkeren.

De BFO is een recht-door-zee RC gekoppelde 10 MHz kristal oscillator.

Opbouw van mijn BITX17 (hier nog zonder PA trap)

 

De detector functioneert als modulator in de TX mode; een verzwakker zorgt voor de juiste aanpassing. De audio voorversterker is een ééntraps circuit. De 220 pF condensator over de basis en collector zorgt voor de juiste lage frequentie overdracht.

De ontvanger heeft geen AGC. Dit is geen ernstige tekortkoming. Volume en HF gevoeligheidsinstelling m.b.v. potmeters maakt een prima fijninstelling van de ontvanger mogelijk en werkt erg prettig wanneer er naar zwakke signalen wordt gezocht.

De LM386 heb ik links laten liggen. In plaats van dit 1 Wattertje heb ik gekozen voor een LA4185 die uit een afgedankte transistorradio komt. Het internet zorgde voor de bijpassende aansluitgegevens. Dit versterkertje levert een Watt of 4 aan audiovermogen. Iets comfortabeler dan de LM386. De 9V voedingsspanning wordt in de RX mode met een relais op het circuit gezet .

Het audioeindtrapje met de LA4185 (bovenste mono-blok), goed voor ruim 4 Watt LF

 

Zender

De microfoon versterker is zonder condensator gekoppeld aan de microfoon omdat de gebruikte microfoon (elektreet type) gelijkspanning nodig heeft om te kunnen werken. er is DC coupled to the microphone. Wanneer de microfoon geen voedingsspanning nodig heeft kan er in serie met de microfoon een 1 μF elko geplaatst worden. De microfoon versterker is een simpele eentraps audio versterker. Het SSB filter zorgt voor de juiste bandpass karakteristiek. Een 0,001 μF condensator in de microfooningangsschakeling en één in de modulatoruitgang zorgen voor voldoende HF filtering.

De – dual diode – gebalanceerde modulator maakt gebruik van zowel resistieve als reactieve balancering. Een vaste 10 pF condensator aan één zijde van de modulator wordt zorgt voor een exact evenwicht m.b.v. een variabele  22 pF codensator aan de andere zijde. Een 100 ohms weerstand zorgt voor resistieve draaggolf balancering. Het verzwakkersnetwerkje aan de uitgang was noodzakelijk om de diode modulator correct af te sluiten. Dit mag overbodig lijken, maar e.e.a. resulteert (bij juiste afregeling) in een schoon DSB signaal met onderdrukte carrier ( ongeveer 50 dB verzwakt) 

De rest van het zendcircuit is identiek aan het ontvangst-deelcircuit. Er is nog een extra versterkertrap (Q14) aanwezig om het zwakke 18 MHz SSB signaal tot driver input niveau te versterken.

De uitgangsversterker krikt het SSB signaal op tot een niveau van 300mV, genoeg signaal om de stuurtrap te bedienen .

Bovenaanzicht BITX17

 

Eindtrap

De eenvoudige vermogenstrap is opgebouwd met een medium power NPN transistor (2N2218) die een N-channel MOSFET IRF510 zo’n 6 watts aan HF vermogen op 18 MHz laat opwekken. De uitgangstransformator heeft 40 bifilaire windingen.

PA eindtrap

 

Waneer er meer vermogen dan pakweg 6 Watt nodig is, zijn er een aantal manieren om dat voor elkaar te krijgen: Door de voedingsspanning van de IRF510 te vergroten naar 30 VDC kun je zo’n 12 Watt uit de eindtrap persen. De drain uitgang zal bij 30VDC een impedantie van ongeveer 30 ohm laten zien; het pi-netwerk kan met de variabele condensator hier eenvoudig op worden aangepast zodat een  50 ohms antenna load ‘gematcht’ wordt. Een andere methode is om twee IRF510s in push-pull te gebruiken. Een korte waarschuwing is hier op z’n plaats; HF energie met de hier gebruikte vermogens kunnen HF verbranding veroorzaken; dit type verbranding is vaak pijnlijker dan verbranding veroorzaakt door stoom of vuur. QRP (< 5 Watts) is veiliger ! Om deze eindtrap stabiel te krijgen heb ik wel wat uurtjes moeten investeren. De eindtrap is eenvoudig tot oscilleren te brengen. Een 220 pF condensator tussen gnd en drain van MOSFET deed in mijn geval wonderen. Verder heb ik in plaats van de bifilaire spoel T1 een trifilair geval gebruikt. Hierdoor naam het RF vermogen iets toe.

MOSFET eindtrap

 

 

Opbouw

Ik heb de BITX17 opgebouwd op ongeëtst koperboard (‘dode kever’-methode). Geen ijzerchloride nodig en perfecte HF grondvlakken. Prima wanneer het om eenmalige (experimentele) ontwerpen gaat. Moet er en masse gebouwd worden, dan kan ik de conventionele printen van harte aanbevelen.

 

BITX17 in de steigers – vooraanzicht –

 

PCB gebruik

Voor diegenen die door de ‘dode kever’-methode worden afgeschrikt is er door Ashar een PCB ontwikkeld. De PCB layout (component zijde) is terug te vinden op de website van Ashar. Het is een enkelzijdige geëtste print met brede sporen, die tamelijk simpel zelf gemaakt kan worden. Er zijn geen copyrights aan de PCB en de BITX verbonden; copiëren en distribueren is toegestaan !

De PCB van Ashar is ruim 20 cm lang en zo’n 8 cm breed. De PCB is ruim bemeten voor de schakeling zodat plaatsen van de onderdelen altijd lukt zonder vijlen en breken.

Heb je de PCB in huis, inspecteer deze dan grondig, bij voorkeur in de zon. Controleer op scheurtjes en onderbrekingen. Kijk ook uit naar dunne spoortjes die elkaar abusievelijk raken of tegen het massavlak aankomen. De PCB is ontworpen om de kans op dit soort foutjes zou klein mogelijk te maken, maar controleren kan geen kwaad. Met name de sporen die diagonaal naar de basis van elke transistor lopen verdienen een extra inspectie. Deze sporen liggen erg dicht naast elkaar en zijn kandidaten voor kortsluiting.

Bouwvolgorde

Begin bijvoorbeeld met de BFO. Voor voor gebruik boven 3,5 MHz moet de  BFO met een spoel in serie met het 10 MHz kristal (USB mode) geschakeld worden, voor LSB gebruik (80 en 160m), moet hiervoor een trimmer gebruikt worden. Schakel de voedingsspanning van de BFO in en controleer met frequentie counter of HF ontvanger of een 10 MHz opgewekt wordt. Wanneer je beschikt over een HF meetkop, of oscilloscoop, zul je een spanning van ongeveer 2 Vpp meten.

Gaan nu verder met de VFO. Bepaal het aantal windingen van het spoeltje m.b.v. een frequentieteller. Voor de 17m band zijn minder windingen nodig dan voor de 20m band. Trim de VFO naar op ongveer 8.1 MHz. Waneer de VFO te laag oscilleert moet het aantal windingen verkleind worden. Bij een te hoge frequentie kan een 22 pF condensatortje parallel aan de 22pF trimmer gesoldeerd worden). Op de PCB zorgt een jumper voor de voedingsspanning van de VFO/BFO. Deze twee units zijn zowel in de RX als TX mode actief. De huff en puff schakeling kan op een losse print geplaatst worden om de VFO kristalstabiel te maken. Een extra varicap, R en C zijn dan nog wel nodig. Blik de VFO in. Dit is geen overbodige luxe en bespaart je veel moeite.

Bouw de audio voorversterker en de audio eindtrap (ik heb daar een verdwaalde Japanse 4 Watt chip uit een afgedankte radio voor gebruikt). Sluit ook de volumepotmeter aan. Leg een natte vinger op de basis van Q4 en wanneer een flinke reutel brom hoorbaar is, is je LF versterker in orde.

Begin nu met de drie bi-directionele trappen! Hiervoor is flink wat soldeerwerk nodig. Alle 6 de trappen zijn identiek dus dat scheelt wat. Alle condensators hebben een waarde van  0,1 μF met één uitzondering (100 pF aan de uitgang van Q3). De emitter bias weerstanden zijn 100 ohms, 220 ohms of 470 ohms. Wanneer de waarden verwisseld worden, zal de schakeling nog wel werken, maar bij sterke signalen zal er ‘splatter’ optreden.  De spanning op de emitters (t.o.v. massa) van de bidirectionele trappen moet ongeveer 2 volt zijn. De collectors moeten ongeveer 8 volt laten zien. De uitgeschakelde trappen moeten op alle transistoraansluitingen 0 volts aangeven.

 

Soldeer nu de drie spoelen, trimmers en condensatoren van het HF filter, sluit de antenne aan en schakel de unit in. Controleer of de trappen werken en begin bij de LF eindtrap. Wanneer je de volumepotmeter aanraakt, moet er een flinke brom hoorbaar (‘hum and static’) zijn. Bij het aanraken van de basis van Q4, moet een luid gekraak te horen zijn. Bij het aanraken van de basis van Q3 is gekraak waarschijnlijk gemixt met locale AM omroepsignalen te horen. Bij het aanraken van Q2 zorgt het filter met een bandbreedte van 3 KHz tot 10MHz voor minder rommel.

Piek nu de trimmers, met antenne aangesloten, voor maximale ruis. Draai over de band en regel het frontend af op een sterk signaal voor maximale helderhuid (niet volume).

Let wel: Het HF ingangsfilter werkt optimaal bij een 50 ohms antenne load. Bij gebruik van een hoogohmige langdraad antenne zullen de trimmers voor deze situatie afgeregeld moeten worden. Voor de condensatoren in het pi-filter heb ik een varco gebruikt. Hierdoor kan ik eindgevoede draadantennes van willekeurig lengte goed afstemmen.

Neem de tijd om te luisteren naar wat de  BITX te bieden heeft. Waneer de CW signalen na de beat-zero weer hoorbaar worden moet de BFO in frequentie verschoven worden. Voeg windingen aan de BFO spoel voor USB toe. Voor LSB kan het aantal windingen worden verminderd; fine-tunen met de trimmer. Voorbij het beat-zero punt moet het signaal volledig afvallen.

Met het afbouwen van de microfoon versterker (Q10) en de uitgangsversterker (Q14) is het exciter deel van de transceiver gereed. Om de transceiver in zend mode te krijgen moet de R lijn aan massa worden gelegd en de T lijn aan 12VDC. Knoop de uitgang van Q14 aan een oscilloscoop maar sluit de microfoon nog niet aan. Nul de draaggolf met de 100 ohms preset weerstand en de 22 pF trimmer. De instellingen beïnvloeden elkaar, dus de afregeling zal een aantal malen herhaald moeten worden.

Plug nu de microfoon in en zeg wat. Een schoon SSB signaal op de uitgang van Q14 met een niveau tussen de 200 en 300 mV moet nu zichtbaar zijn op de skoop. Je kunt ook een 18 MHz ontvanger gebruiken om de kwaliteit van je uitzending te controleren. Schakel de  AGC van de testontvanger uit; regel de carrier naar nul indien nodig. Een volledige draaggolf moet bij fluiten in de microfoon hoorbaar/zichtbaar zijn.

Bouw vervolgens de vermogenstrap. Het is nu tijd om een goede metalen behuizing met stevig chassis voor de BITX te kiezen. Ik heb een kapotte audioversterker ‘uitgeruimd’, op het voedingsdeel na, en e.e.a. zodanig verbouwd dat de BITX, inclusief bedieningselementen passen. Dit gaf aardig wat boor en slijpwerk. Heb 3 boortjes en een zoetvijltje gebroken, maar uiteindelijk ziet het er allemaal wel aardig uit.

Sommige OM hebben een oude vertinde koek- of chocolade trommel gebruikt voor de behuizing. De vertinde wanden maken het solderen erg makkelijk. Door de dunne wandjes is gaten maken een fluitje van een cent. Gebruik een grote knop voor de afstemcondensator. Ik heb een volledige schaalunit (met variable condensator, polyester wieltjes en naald) uit een oude tuner gesloopt en hergebruikt. De knop was inbegrepen. Het passend maken in de behuizing was een flinke klus en vereist wat mechanisch inzicht (en schroefjes, afstandbusjes en L-profieltjes). Op een ongelukje na (het polyestor draad smolt toen ik in de VFO aan het bakken was) blijkt dit een fraaie en goed werkende oplossing.

Ik heb een simpele ‘double pole double throw ‘ miniatuur schakelaar gebruikt om te kiezen tussen TX/RX. Deze schakelaar stuurt het relais. Parallel aan de miniatuur schakelaar is de PTT schakelaar van de handmicrofoon geschakeld. Zorg voor een blusdiode over de spoel van het relais (gaat EMK tegen).

Gebruik dunne coaxkabel voor alle verbindingen tussen de PA eindtrap en het hoofdbord.

Ingebruikname

Zorg ervoor dat de VFO, geholpen door de huff en puff schakeling,  afstembaar is tussen 18,068  en 18,168 MHz en dat het signaal onvoorwaardelijk stabiel is. Sluit de antenne aan en regel de HF spoelen af voor een maximaal helder luidspreker signaal. Regel vervolgens af op een hoorbaar maar zwak signaal.

Het kan gebeuren dat CW ontvangst prima werkt maar de SSB signalen onverstaanbaar blijven. Regel dan opnieuw de BFO af.

Boven de 3,5 MHz wordt in Europa USB gebruikt; om te tunen op een USB signaal dient de BFO afgestemd te worden op de neergaande flank van de kristal-doorlaat band. De spoel in serie met het BFO xtal (USB) of de condensator ( LSB) zorgt hiervoor. Onduidelijke signalen kunnen veroorzaakt worden doordat de BFO ingesteld is in het midden van de kristal-doorlaat band. Tweak de spoel/trimmer om een verstaanbaar SSB signaal te krijgen.

Voor de zender afregeling is een dummyload eigenlijk onmisbaar. Gebruik b.v. 8 parallel geschakelde weerstanden van 220 ohm / 2 watt. Verbind de dummyload met de eindtrap en verbind de RF probe (van een oscilloscoop) met de dummyload. Tijdens het spreken (‘…haallllooo…’) in de microfoon moet een spanning van 20 Vpp (of meer) gemeten worden. Op een andere testontvanger moet de restdraaggolf hoorbaar zijn. Nul deze zoveel mogelijk uit met de 100 ohms en 22 pF trimmers.

Diode mixers zijn berucht om het genereren van oneven harmonischen. De derde harmonische van 8,1 MHz is 24,3 MHz; tijdens het trimmen van de spoeltjes/condensatoren in de eindtrap kan het makkelijk gebeuren dat er op 24,3 MHz afgestemd wordt. Het HF ontvangst band-pass filter kan het best in de ontvangst mode afgeregeld worden met een zwak signaal ergens rond de 18,1 MHz.

Conclusie

Uiteindelijk is het gelukt om QRP digimode QSO’s te maken met de BITX17. Kijk bij [Results] voor een overzicht van een aantal gemaakte QSOs en ontvangen stations. Ik heb een halve golflengte eindgevoede draad antenne gebruikt. Met het afstembare pi-filter wordt de antenne in resonantie gebracht. Zijn er gunstige propagatiecondities, dan is het QRP vermogen van de BITX voldoende om PSK31 en RTTY verbindingen tot stand te brengen. En vergeet niet…het blijft QRP werk, dus niet elke aanroep wordt gehoord ! Geduld is ook hier een vereiste.

De meeste tijd heb ik besteed aan het stabiel maken van de VFO en het werkend krijgen van de PA trap. Deze vertoont een sterke neiging tot (breedbandig !) oscilleren. Met een condensator tussen drain en gnd en een goede ontkoppeling lukte het uiteindelijk de zaak stabiel te houden.

Tot slot roept Ashar  eenieder op om een bouwkit samen te stellen (componenten + PCB). Het ontwerp van de BITX is vrij en toestemming vragen is niet nodig. Laat het Ashar weten, dan kan hij je op zijn website als leverancier noemen.

In principe was de PCB bedoeld om het de HAMs uit India het zo makkelijk mogelijk te maken met een SSB transceiver uit te komen. Het plan was om de totaalprijs onder de Rs. 1000 te houden. Het huidige ontwerp komt zelfs op Rs.300 (minder dan 7 euro) uit. Voor de PCBs kan er met  VU2PEP contact opgenomen worden. Zijn e-mail adres: pepindia@yahoo.com .

 

 

Veel plezier met de bouw van je ‘custom-made’ BITX#

Mei 2005