Telemann - Gravure von Valentin Daniel Preisler, 1750
Achtergrond informatie bij de Matthäus Passion (1730 - TWV 5,15)
Er werd van Telemann verwacht dat hij, als Musikdirektor
van de vijf belangrijkste kerken in Hamburg, elk jaar met Pasen een Passion
zou schrijven, en wel zodanig dat deze in één van deze vijf
kerken kon worden uitgevoerd.
Elke bekende achttiende eeuwse componist, waaronder Johann
Sebastian Bach, had te maken met dit soort opdrachten; de meesten losten
dit op door delen vaak her te gebruiken of door stukken van andere componisten
tussen te voegen. Telemann echter was eerzuchtig van aard, zo dat hij elk
jaar 'verse noten' schreef .. Op deze manier zijn er tussen 1722 en 1767
46 passionen van zijn hand verschenen, waarvan er nu nog 23 de de eeuwen
hebben getrotseerd. Daarnaast hield hij de volgorde van de Evangelisten
steeds gelijk: 1722 Mattheus, daarna Marcus, Lucas en tenslotte Johannes.
De laaste Passion in zijn sterfjaar 1767 was een Markus-Passion. Er zijn
nog andere Matthäus-Passionen bekend: zie hieronder. Door dit gegeven
raken musici en koorleden ook 'in de war' bij de aanschaf van muziek en
CD-opnamen ..
Hier het complete overzicht van de Matthäus-Passionen .. er zijn er 5 over en 7 verloren gegaan.
TWV 5,07 - Matthäus-Passion (1722) - verloren gegaan
TWV 5,11 - Matthäus-Passion (1726) - verloren gegaan
TWV 5,15 - Matthäus-Passion (1730) - SATB met 2
dwarsfluiten, hobo, 2 violen, altviool, cello en continuo
TWV 5,19 - Matthäus-Passion (1734) - verloren gegaan
TWV 5,23 - Matthäus-Passion (1738) - verloren gegaan
TWV 5,27 - Matthäus-Passion (1742) - verloren gegaan
TWV 5,31 - Matthäus-Passion (1746) - SATB met blokfluit,
hobo, oboe d'amore, 2 hoorns, 2 violen, altviool, cello en continuo
TWV 5,35 - Matthäus-Passion (1750) - SATB met 2
fluiten, 2 hobo's, 2 violen, altviool, cello en continuo
TWV 5,39 - Matthäus-Passion (1754) - verloren gegaan
TWV 5,43 - Matthäus-Passion (1758) - SATB met fluit,
hobo, 2 violen, altviool, cello en continuo
TWV 5,47 - Matthäus-Passion (1762) - verloren gegaan
TWV 5,51 - Matthäus-Passion (1766) - SATB met dwarsfluit,
althobo, 2 violen, altviool, cello en continuo
Bij de Matthäus-Passion van 1730 is niet duidelijk
wie de teksten heeft samengesteld voor Telemann, op het titelblad van de
autograaf wordt ene S. vermeld; hieruit is af te leiden dat het uit de
Telemann bekende dichters Seelmann of Gottfried Simonis is geweest. Interessant
is om eens een vergelijking te maken met de Matthäus-Passion van Johann
Sebastian Bach uit 1729, waarbij grote verschillen aan het licht komen.
Telemann 8 koralen tegen Bach 12; 16 koren tegen 20 bij Bach; 10 aria's
(waarvan twee met koor en een duet) tegen 14 bij de Thomascantor en 2 Ariosi
(Soliloquien genoemd) tegenover 9 uit Leipzig.
Telemann toont zich hier de meester van de kleine vorm:
aria's en koren zijn zelden langer dan drie minuten. Daarnaast beperkt
hij zich tot 'het bericht van de Evangelist', waar Bach het werk in twee
delen splitst, en uitgebreid stilstaat bij de stadia van het lijden van
Jesus. Dientengevolge is de totale duur bij Telemann aanzienlijk korter
dan de Matthäus van Bach.
Ook de instrumentale bezetting is bij Telemann een stuk
geringer dan bij Bach. In Hamburg had Telemann slechts de beschikking over
dubbel bezette strijkers (voornamelijk goede dilettanten, maar niét
het goed bekend staande Opera-orkest), fluit, hobo en continuo, die allen
bij aria's worden gebruikt. Bach had in Leipzig een wat groter ensemble
tot zijn beschikking, dat hem de mogelijkheid gaf meer instrumentale solo-partijen
toe te passen. Verder is Telemann er van uit gegaan dat de koren worden
meegezongen door de gemeente, zoals gebruikelijk in die tijd. De koralen
zijn geschreven als koren van het volk, eenvoudige thema's in een
spreekrythme gedeclameerd. Een mooi voorbeeld is het woord "zerbrichst"
dat door een pauze in twee delen wordt gedeeld.