Home

De zogenaamde home's van Outreach zijn ook niet alles.

In Maarssen zijn ze er uitgegooid zie hier 

We vinden het niet helemaal terecht dat de opvang van 7 ex-verslaafden de druppel was die de emmer deed overlopen, die mensen waren al 2 jaar clean, maar het was de overlast ervoor van andere groepen en het niet communiceren met de buurt wat Outreach uiteindelijk de das omdeed.

De kerk moest plotseling op zoek naar tijdelijke ruimte en werd geholpen door Abrona omdat het pand toch leeg stond.
Wat komt ons dat toch bekend voor, dezelfde achtergronden de "argumenten" en het hele gedoe in Maarssen is zowat  hetzelfde scenario als in Den Haag,  zie hier.

Outreach kreeg in Rotterdam ook niet altijd medewerking.
Zij hebben toch een reputatie dat het niet altijd vlekkeloos verloopt.

Rapport; Van karikatuur naar inzicht.
Onderstaande tekst is een gedeelte van het protocol dat Rotterdam hanteert voor het vestigen van dergelijke voorzieningen.
Het is een rapport dat de gouden middenweg probeert te vinden, maar ook duidelijk aangeeft dat je in bepaalde wijken, bepaalde voorzieningen niet moet vestigen.

"Wat heeft Boulevard gedaan om pand 312 uiteindelijk een andere bestemming te geven? Toon: "De eigenaar is de stichting
Wooncompas. Dat is een christelijke organisatie die haar onroerend goed doorgaans verhuurt aan ideële instellingen.
Victory Outreach, die ook het pand naast Willem Jan huurt van Wooncompas, voldeed aan dat criterium. Een andere kandidaat,
de zorginstelling BAVO, wilde in het pand wat oudere zwervers onderbrengen. Zeg maar een project begeleid wonen
voor bejaarde Swiebertjes. Die bestemming leek ons wat vriendelijker, en ook deze paste in het profiel van Wooncompas.
Helaas kon de BAVO het pand niet zomaar betrekken vanwege bepaalde veiligheidsvoorschriften. Men miste op
dat moment het geld om verbouwingen te financieren. Daarmee leek Victory Outreach de enige aangewezen kandidaat
voor Wooncompas." Toen Boulevard via het netwerk van bewoners en organisaties op de hoogte raakte van de verhuurplannen,
is er een bijeenkomst georganiseerd tussen Wooncompas, Victory Outreach en Boulevard. Toon:

"In een hele serie van gesprekken daarna hebben wij de directie van Wooncompas ervan kunnen overtuigen dat verhuur aan Victory Outreach een hoop overlast zou opleveren.

Plezierig was daarbij de steun in de rug die wij kregen van de deelgemeente.
Deelraadsvoorzitter Ton Harreman liet Wooncompas weten veel waarde te hechten aan het oordeel van Boulevard. Bovendien
kregen wij de wind mee, toen de gemeente Rotterdam uiteindelijk subsidie verleende aan de BAVO voor de verbouwingkosten.
Toen kon Wooncompas overstag gaan, en was dit probleem opgelost."

Bijlage
Dit protocol is opgesteld ten behoeve van de vestiging van nieuwe opvang-, begeleidings- en hulpverleningsvoorzieningen voor meer dan drie verslaafden in Rotterdam. Het onderstaande protocol is de algemeen geldende tekst, die
per deelgemeente nader kan worden uitgewerkt.

1. De initiatiefnemer van een voorziening ten behoeve van meer dan drie verslaafden neemt contact op met de GGD en meldt schriftelijk wat voor voorziening hij waarom en met welk doel, op welke manier, waar en wanneer van plan is te realiseren. Dit is geen legitimatie om de voorziening te realiseren.

2. De GGD geeft de melding onmiddellijk schriftelijk door aan de betrokken deelgemeente en aan het hoofd van de betrokken basiseenheid van politie. De deelgemeente en het hoofd van de basiseenheid zijn elk verantwoordelijk voor de communicatie over het initiatief binnen hun eigen organisaties.

3. De GGD, de deelgemeente en de politie geven binnen een maand na melding een oordeel over het initiatief en formuleren de eventuele voorwaarden waaronder zij de voorgenomen voorziening zouden willen laten doorgaan. De GGD verzamelt de uitkomsten hiervan.

4. Bij voorzieningen met een stedelijk karakter verzorgt de Bestuursdienst, directie S&CZ, op aangeven van de GGD, gelijktijdig met de GGD, de deelgemeente en de politie een centrale toets. De GGD verzamelt de uitkomsten hiervan.

5. De GGD meldt de uitkomsten van de stappen 3 en 4 onmiddellijk aan de initiatiefnemer. De initiatiefnemer besluit vervolgens of hij zijn voornemen wil uitvoeren.

6. In overleg met de deelgemeente, de politie en de initiatiefnemer stelt de GGD een draaiboek op voor de realisering van de voorziening. Het draaiboek bevat tenminste

- een planning;

- een opsomming van de organisaties/mensen die bij de realisatie betrokken dienen te worden;

- de voorwaarden waaronder de voorziening kan worden gerealiseerd.

7. In het draaiboek wordt ook bepaald op welke manier de bewoners en winkeliers bij de realisatie van de voorziening worden betrokken. De betrokkenheid van de bewoners kan lopen via de directe buren, via de lokale bewonersvereniging/buurt of via de stedelijke organisaties van bewoners, winkeliers en gebruikers.

8. Het draaiboek behoeft een verklaring van geen bezwaar van de deelgemeente en het hoofd van de betrokken basiseenheid van politie.

9. Partijen behouden te allen tijde het recht om binnen hun bevoegdheden passende maatregelen met betrekking tot de voorzieningen te nemen. Dit gebeurt echter steeds na overleg met de initiatiefnemer.e nemen. Dit gebeurt echter steeds na overleg met de initiatiefnemer.

10. In elk geval tot er een draaiboek ligt, of zoveel langer als tussen partijen is afgesproken, gaan alle betrokken partijen strikt vertrouwelijk met het voornemen tot vestiging van nieuwe voorzieningen om.

11. De GGD houdt een overzicht bij van alle bestaande voorzieningen.

GGD Rotterdam en omstreken (2002)