Naar de beginpagina van Mondige burger
Zie ook; Deetman houdt woord, klik hier.
Wim
Deetman
Burgemeester van Den Haag sinds
1996. Een krachtige bestuurder, gezaghebbend, duldt geen tegenspraak. ‘Ik ben
rechttoe rechtaan, maar ik luister wel’. Deetman
is een geboren Hagenaar. Hij heeft politicologie aan de VU in Amsterdam
gestudeerd. In zijn arbeidsverleden heeft hij veel met het onderwijs te maken
gehad. Zo is hij directeur van de vereniging Besturenraad P-C Onderwijs geweest,
staatssecretaris en minister van Onderwijs in de Tweede Kamer en is hij tevens
zeven jaar voorzitter van de Tweede Kamer geweest. Hij vindt het belangrijk dat
je als bestuurder de kiezers moet opzoeken. Deetman is een uitermate goede
lobbyist en hij krijgt dan ook veel voor elkaar. Normen en waarden zijn een
belangrijk thema voor Deetman. Hij is van mening dat het individualisme te ver
is doorgeslagen en dat de solidariteit in de samenleving is verwaarloosd.
Deetman volgt rechte lijnen, weet stevig in te grijpen als hij dat nodig vindt. Visie
Deetman: ‘Ik wil Den Haag op de internationale kaart zetten’.
Supporters
Arthur Docters van Leeuwen, bestuursvoorzitter van de Autoriteit Financiële Markten
Pierre Wind, kok en burger van Den Haag
Jetta Klijnsma, wethouder van Den Haag.
Robert van lente; zie hier voor het volledige artikel op zijn website;
Wim Deetman had freelance kok Pierre Wind meegenomen. De kok, die zich beter “coke” kan noemen. Dan Arthur Docters van Leeuwen: de overloper van D66 naar de VVD. Arthur is zeer geschikt om bij een haardvuur en een goed glas wijn in de hand een diepzinnige analyse ten beste te geven. Maar wat doet ie daar? En tenslotte Jetta Klijnsma. Jetta laat zich toch overal voor lenen. Ach, ze deed haar best:” Ook al ben ik van de PvdA, ik heb zeer veel bewondering voor Wim Deetman van het CDA”. Ik snap overigens niet helemaal wat dat er mee te maken heeft.
DE DEETMAN SHOW (Julius Pasgeld)
Beantwoordend aan de modieuze tendenzen van deze tijd nam ook onze
eerbiedwaardige burgemeester Deetman vorige week deel aan een soort Idols voor
hoogwaardigheidsbekleders op de tv. Het ging weer om zo’n snelle competitie
voor het volk. Je kunt het zo gek niet bedenken of er is wel een top-tien van.
Deze keer ging het tussen Cohen (PvdA) van Amsterdam en Deetman (CDA) van Den
Haag onder leiding van Paul Witteman. Het is onbegrijpelijk dat burgemeesters
zich voor zoiets lenen. Maar wellicht spoken de komende burgemeesterverkiezingen
al door hun hoofden. Bovendien moet Deetman de mening zijn toegedaan dat het
grote publiek toch geen verschil ziet tussen een potsenmaker en een
burgemeester. Dus deed hij, daartoe waarschijnlijk ingefluisterd door zijn
mannetjesmaker Nico van Maurik, de gehele uitzending zijn uiterste best om zich
als potsenmaker te profileren.
Welnu. Dat ging hem uitstekend af. Eerlijk gezegd vond ik hem als potsenmaker
een stuk geschikter dan als burgemeester. Nog even en dan worden gemeentes
bestuurd door stand-up comedians. Branche-vervaging heet dat.
De gehele uitzending zat ik aan het beeldscherm gekluisterd. Zowel burgemeester
Cohen van Amsterdam als burgemeester Deetman van Den Haag lieten zich bijstaan
door een soort F-side. Die van Cohen kende ik niet. Maar in de fanclub van
Deetman herkende ik onmiddellijk de nar Pierre Wind, kabouter Jetta Kleinsma
(PvdA) en de buurman van Deetman, de heer Boktors van Leeuwen. Hun taak bestond
eruit allemaal goeie dingen over Deetman te roepen.
‘Hup Deet! Onze Deet! Onze goeie, ouwe Deet! Deetman! Een hartstikke warme
man’, kreet Kleinsma, totaal van haar verstand beroofd.
‘D..d.. d..eetman. De m.. ma.. man v.. v..an het v.. v.. v..olk, stotterde
Pierre Wind, alsof hij een cotelet suisse met drop en bosbessenjam aan het
beoordelen was. En die goeie ouwe Boktors van Leeuwen sprak de onvergetelijke
woorden: ‘Deetman? Dat is toch de man die voor iedereen opkomt?’
Helaas. Bij een soort kwis zakte de man van het volk al direct door de mand. Hij
wist niet dat je een demonstratie niet mag verbieden vanwege de inhoud van
deszelfs demonstratie. En toen Paul Witteman hem vroeg waarom hij de Japanse
keizer Akihito belangrijker vond dan zijn Haagse onderdanen die hun
oorlogstrauma’s kenbaar wilden maken, werd onze goeie, ouwe Deet nogal nerveus
en begon zich te excuseren dat hij niet voor iedereen was opgekomen.
Nu wisten de Hagenaars natuurlijk al wat langer dat Deetman ambassadeurs,
koningen en keizers op een hoger voetstuk heeft staan dan zijn eigen inwoners,
maar de deskundige jury begon er inmiddels af en toe ook tussendoor te mompelen
dat het Deetman misschien toch wel een klein beetje aan draagvlak en compassie
ontbrak.
Na een fictieve, maar interessante casus, eetje aan draagvlak en compassie
ontbrak.
Na een fictieve, maar interessante casus, waarbij Deetman zich correct en
formeel opstelde, terwijl Cohen probeerde zich menselijk en met begrip voor de
zaak te gedragen, kwam de uitslag. Die interesseerde me zo weinig, dat ik hem
terstond weer vergat. Toch zit ik nog met een vraag.
Vinden die burgemeesters het zelf allemaal ook niet een beetje beschamend?
Julius Pasgeld