Kanalen in FrankrijkCanal du Centre (B)


In de zomer van 2000 bezoeken we in La Louvière in Wallonië de botenliften van het Canal du Centre. Vier enorme staalconstructies op een afstand van ca.7 kilometer overbruggen een hoogteverschil van 68 meter. Het Canal du Centre verbindt het stroomgebied van de Maas met dat van de Schelde. De scheepsliften zijn gebouwd tussen 1888 en 1917 naar voorbeeld van Engelse scheepsliften. De scheepsliften leverden een enorme tijdswinst op voor de binnenschippers. Voor de komst van de liften moesten de schepen namelijk langs talloze sluizen. De scheepsliften van het Canal du Centre functioneren nog altijd. Ze liggen bij de plaats La Louvière, zo'n 30 kilometer ten zuiden van Brussel.

Via de bordjes Ascenceur no. 1 vinden we de eerste botenlift. Dit blijkt later de oudste te zijn. We rijden er zo naar toe. Ondanks de aanwijzing tot cultureel werelderfgoed door de Unesco zijn er verder geen toeristen. Alhoewel er bordjes staan dat je niet boven mag komen kijken we toch. We wagen ons even later ook verder op de constructie van staal met houten plankieren tot we van een van de bedieningsmensen een signaal krijgen dat we niet verder mogen. We hebben geluk. Er komt net een spits aangevaren die langzaam in de stalen bak vaart. Hij vaart onder een luik door dat achter hem gesloten wordt. De machinist van de lift gooit flink wat scheppen zand in de aansluiting tussen schuifluik en bak. Dan lekt er minder water uit!?

Als de bak langzaam wat naar beneden zakt, gaan ook wij (met de trap) naar beneden en bekijken het bouwwerk nu van beneden. De bak met de spits staat op een enorme hydraulische kolom die in verbinding staat met de kolom onder de andere bak. Als de ene bak daalt, gaat de andere omhoog. Halverwege lijken de bakken tot stilstand te komen. Dan opent de machinist twee schuiven in de bak die omhoog moet. Twee enorme stralen water spuiten naar buiten. Men laat gewoon wat water uit de bak lopen en langzaam komen de twee bakken weer in beweging. 

Ik loop later langs het jaagpad naar lift nummer 2 die een paar kilometer verderop ligt. Onderweg kom ik nog bij een oud locomotiefje die vroeger boten van de ene naar de andere lift heeft gesleept.

Als ik bij de tweede lift ben zie ik de derde al weer liggen. Bij de tweede lift klim ik via een steile stenen trap naar beneden, bij de derde volg ik het jaagpad onder de oude bomen dat met twee grote zwaaien naar benden loopt. De paarden die vroeger de boten trokken konden natuurlijk geen traplopen.

 

 

 

Bij de tweede en derde lift kan ik niet naar de overkant. Bij lift 1 kon je onder de constructie lopen. Dit is een iets ander type. En ook dertig jaar minder oud trouwens. We ontmoeten een Nederlandse familie met een boot. We varen met hen terug, twee liften naar boven. We varen tegen een muur van 17 meter hoog aan. Van het stijgen merk je verder weinig: je voelt niks, je ziet alleen de wereld om je zakken.

Later kijken we nog bij de lift van Strepy-Thieu. Een kolossaal bouwwerk dat de vier oude botenliften gaat vervangen en geschikt is voor schepen tot 1350 ton. Het formaat van het gebouw is gigantisch. Ik had het gebouw al eerder of foto gezien en het leek me toen vrij saai. In werkelijkheid is het erg indrukwekkend en zit het goed in elkaar. We gaan met de lift naar boven en zien de enorme hoeveelheid katrollen. Een glazen wand maakt het mogelijk om overal naar buiten te kijken. Op het kopeinde heb je een restaurant met een prachtig uitzicht. Voor de lift is een nieuw stuk kanaal aangelegd. De lift overbrugt in één keer een hoogteverschil van zo'n 70 meter.

De nieuwe vaarroute met de lift van Strepy-Thieu is in 2002 geopend.

Andere kanalen