Inhoud:
Ondertussen is bekend dat p een oneindig getal is. Het is een getal dat we niet kunnen bevatten, het is dus een transcentaal getal. Dit werd pas bewezen in 1882 door Lindemann. Maar er zijn nog meer eigenschappen en kenmerken van p. Daarover gaat dit hoofdstuk.
Een getal
is normaal als elk cijfer op zich gemiddeld 1 keer op de 10 voorkomt en als
elke 2- cijferige combinatie 1 keer op de 100 voorkomt, enz.... Ondanks dat het
cijfer 7 in de eerste 608 cijfers van p na de komma slechts 44 keer
voorkomt, blijkt p zich
toch normaal te gedragen. Men heeft p immers reeds tot op vele miljoenen
decimalen berekend en zo komt in de eerste 6 biljoen decimalen van p, elk van de cijfers 0 tot 9
ongeveer 600 miljoen keer voor. Ondanks dit resultaat, is dit geen voldoende
bewijs dat p
normaal is.
Breuken worden ook wel rationale getallen genoemd. “Ratio” wijst op de
verhouding van twee hele getallen, bijvoorbeeld ½. Getallen die je niet als
breuk kunt schrijven zijn irrationaal. p is irrationaal. Dat vermoedde men
al vanaf de oudheid, maar pas in 1768 slaagde de wiskundige Lambert erin dit
aan te tonen. Hij gebruikte hiervoor n! (n faculteit), het product van
de getallen 1 tot en met n. Een aantal voorbeelden:
1! = 1, 2! = 2, 3! = 6, 4! = 24, 5! = 120
Het blijkt dat n! heel snel met n groeit,
sneller dan elke functie van de vorm qn. De bewering die je
nu kunt maken is:
Stel q > 0, dan gaat qn/n!
naar nul als n à ∞.
Dat wordt duidelijk als we de verhouding als
product opschrijven;
qn/n! = q/1 x q/2
x q/3 x q/4
… q/n – 1 x q/n
Als een getal k groter is dan 2q dan
is q/k kleiner dan ½. In het product dat we
hierboven hebben uitgeschreven treden dus vanaf zeker moment alleen maar
factoren <1/2 op. Naarmate n groter wordt,
worden dat er steeds meer. Dus qn/n! à 0 als
n à ∞. Het idee
van het bewijs is dat we voor willekeurige n naar de volgende integraal
kijken:

We gaan nu In uitrekenen voor
n = 2, 3, 4, 5, 6:
I2 = -2p2 + 24
I3 =
-24p2 + 240
I4 =
2p4 - 360p2 + 3360
I5 = 60p4 - 6720p2 + 60480
I6 = -2p6 + 1680p4 - 151200p2 +1330560
In het algemeen blijkt In een
combinatie van 1, p, p2, p3, …, pn met gehele coefficienten te zijn. De
uitkomsten uit de formules zijn heel klein. Twee voorbeelden:
I10 =
0,00185448…
I20 =
1,70 x 10-11
Dat deze waarden zo klein worden, zien we door
een bovenschatting van de integraal te geven, er geldt voor alle x є [0, p]:
0 ≤ x(p - x) < p2/4 < 3 &
0 ≤ sin x
≤ 1
Dus voor elke n:

Dat de getallen In zo
klein zijn, komt door de n! in de noemer van de bovenschatting. Deze is
namelijk heel groot (zie voorgaande uitleg), en wanneer je deze in de noemer
zet, ontstaat een heel klein getal.
Nu maken we ons irrationaliteitsbewijs af. Stel
nou dat p een
breuk is, bijvoorbeeld
p = p/q. dan
zijn de getallen In ook rationaal. Een voorbeeld:
I6 = -2p6
+ 1680p4q2 – 151200p2q4
+ 1330560q6 / q6
Omdat I6 een integraal is van
een positieve functie, geldt I6 > 0. Maar er geldt meer.
Een positieve breuk met noemer d is altijd groter of gelijk aan 1
gedeeld door die noemer, dat wil zeggen, 1/d. Dus,
voor I6 geldt dat I6 ≥ 1/q6.
Op dezelfde manier geldt voor willekeurige n dat In ≥ 1/qn.
Combineren we dit met de bovenschatting voor In, dan vinden
we voor elke n de ongelijkheid:

Vermenigvuldiging
met qn:

Nu krijgen
we iets totaals onzinnigs. We weten dat (3q)n/n!
à
0 als
n à ∞. Dus uit de bovenstaande formule zou volgen: 1
≤ 0. blijkbaar heeft p = p/q
tot deze onmogelijkheid geleid. We kunnen niet anders concluderen dat p irrationaal is!