over disks, schijven en tape

Om de gegevens in het RAM geheugen te bewaren voordat je de computer uitzet, moet je het opslaan. Dat kan op een diskette, de harde schijf, een CD-ROM of op tape.

Een diskette is gemaakt van buigbaar plastic met een hard plastic hoesje. Wanneer je de diskette in de computer stopt wordt een metalen afdekplaatje door de disk drive opzij geduwd zodat er een klein stukje van de disk zichtbaar wordt. De disk drive draait de disk in het rond, terwijl de lees- /schrijfkoppen er door de opening data van kunnen lezen of op kunnen schrijven.

harde schijf
Je kunt gegevens ook bewaren op de harde schrijf. De harde schijf werkt hetzelfde als een diskette, alleen kun je er meer gegevens opslaan en draait de harde schijf sneller. Het verschil? Een harde schijf kun je niet uit de computer halen. Daarom wordt de harde schijf ook wel vaste schijf genoemd.

Data kan ook worden opgeslagen op een tape die lijkt op een muziekcassette. Net als een diskette en een harde schijf is de tape bedekt met een laagje magnetisch ijzeroxyde. De schrijfkoppen geven de data door aan de tape. De magnetische deeltjes houden de data vast. Een magnetische tape is wel langzamer dan disks omdat je ze helemaal moet doorspoelen om de gegevens te vinden die je zoekt.

De nieuwste manier van data opslaan is de optische disk, de CD-ROM. Hierop kunnen een enorme hoeveelheid data. Deze worden op een CD gezet met een sterke laserstraal die kleine gaatjes in het oppervlak brandt. Een gaatje (pit) staat voor binair, als er geen gaatje is (land), betekent dat binair 0. (kijk voor uitleg over binair bij: bits). Je hebt ook CD-ROM's die je kunt wissen en opnieuw kunt beschrijven zoals bijvoorbeeld een diskette.