|
De geschiedenis van de computer in een notendop Eigenlijk is de computer al in de 19e eeuw uitgevonden door de Engelse wiskundeprofessor Charles Babbage (1792-1871). Hij ontwierp een reuzegrote, programmeerbare rekenmachine die met tandraderen werkte. Hij heeft zijn uitvinding echter nooit aan het werk gezien en in zijn tijd is het niemand gelukt het apparaat te bouwen. |
|
![]() |
De
eerste elektronische computer was de ENIAC, die in 1946 door het
Amerikaanse leger werd gebouwd. De ENIAC was 30 meter lang, 3
meter hoog en 1 meter diep. Hij woog 30.000 kilo en was uitgerust
met 18.000 radiobuizen.
een onderdeel van een buizencomputer |
| Om
computers kleiner te maken zijn de radiobuizen vervangen door
transistoren. Daarna is de siliciumchip uitgevonden. In 1971 vond
Intel de 4004-sliciumchip uit. Deze chip werd ook wel 'de computer
op een chip' genoemd en was zo groot als een vingernagel van een
baby.Het was de eerste microchip.
Door microchips met elkaar te verbinden werden ze samen in personel computers (PC's) gebouwd. De instructies (de programma's) hoefden niet door deskundigen te worden ingegeven, maar door speciaal geschreven software. In 1976 maakte het bedrijf Apple de eerste computer die speciaal was ontworpen voor thuisgebruik. IBM lanceerde zijn PC in 1981en maakte gebruik van de software van een klein bedrijf met de naam Microsoft. De software van Microsoft heette Microsoft Disk Operating System (MS-DOS) en later kwam daar Windows bij. Microsoft is nu een van de machtigste bedrijven ter wereld. |
|