Woensdag 9 april Rond Nosy Be
We hebben een taxi voor de hele dag en rijden langs de oostkust naar het noorden om te snorkelen. Emile wil zijn nieuwe masker met geslepen glazen uitproberen. De chauffeur brengt ons naar een strandje bij Andilana en stelt ons voor aan een local die voor flippers en een snorkel voor mij kan zorgen. We gaan in op zijn voortel om een piroque (outrigger bootje) te huren want hij weet de beste snorkelplaatsen op roeiafstand. De eerste boot blijkt lek. Het koraal is inderdaad mooi. Niet zo dicht onder de oppervlakte als op de Maladiven of Australie maar wel mooi met visjes, anamonen, zeesterren, etc. Het begint al meteen goed met een duivelsvis. Bij terugkomst hebben we een dispuut over de prijs. Die is ineens wat hoger dan afgesproken en de prijs voor de snorkel en flippers extra lijkt ons excessief. We besluiten dit voor te leggen aan Ernest, de eigenaar van de lokale eettent (er zijn nog anderen maar die zien er erg duur uit). Het idee is dat Ernest omwille van zijn business zal zorgen dat ons probleem verdwijnt. Zo gebeurt ook en daarna eten we bij hem langoustines - zo duur en lekker hebben we nog niet gegeten. Vooraf krijgen we gemalen jonge papaya en na krijgen we sinaasappel en rum. Ernest wil dolgraag onze sandalen en is bereid daarvoor zijn grootste schelpen en handvlijt aan te bieden. Ik beloof hem een paar op te sturen. (We kunnen onze sandalen niet missen en geven niet om souvenirs.)
Op de terugweg rijden we om naar het hoogste punt van het eiland (300+ m). Erg groen. We zien nog lemur en grote kameleons. Bijeneter en drongo, ijsvogel. Rijst wordt hier niet op terassen verbouwd maar zo op de schuine grond, als koren. Het regent hier zo veel (rond de drie meter per jaar) dat dat kennelijk kan.
Onze trekking in Reserve Special Ankarana en nationaal park Montagne d'Arbre kan morgen beginnen. We doen de aanbetaling en moeten morgen om 8 uur aan de vast wal zijn (d.w.z. om 6 uur op).