Donderdag 10 april Nosy Be - RS Ankarana
Onze taxi is er om 6:30. Vanaf Hellville nemen we een speedboat naar de vaste
wal. Daar wacht Olivier ons op met een 4x4 Mercedes. Hier verbouwen ze koffie,
cacao en ylang-ylang (parfum). Toeristen komen hier niet. Ze vinden het gek als
we stoppen om naar een kameleon op de weg te kijken.
Met de lunch zijn we bij het Reserve Special. Hier krijgen we ieder een bamboe hutje met bed en klamboe. De enige overige inventaris is een plastic fles met kaars. Aan deze kant van de weg mogen we overal naar de WC. Aan de kant van het RS is dat taboe. De lunch van Brigitte is voortreffelijk.
's Middags wandelen we vier uur, naar de "put" en de grot. De put is een gat van 10 meter doorsneden en zeker 15 meter diep waarin twee rivieren verdwijnen. Er is nu geen water maar aan het drijfhout in de bomen te zien kan het wel 8 meter hoog staan. Al het water verdwijnt dan in een grote kolk in de aarde. De grot is indrukwekkend. Er is niet echt een pad en toch gaan we er een half uur ver in. Het zit vol met vleermuizen die een beetje schreeuwen en wegvliegen als je op ze schijnt. Er zit een vuistgrote spin. Op de terugweg zien we hoppen, bijeneters en meterslange slangen.
We poedelen na terugkomst wat in het plaatselijke riviertje bij de mannen wasplaats, onder het toeziend oog van een ijvogel paartje. In het kamp van onze operator (King de la Piste) blijken vanavond ook twee NL dames (van begin 40) te bivakkeren; Nina en Rina. Ze hebben het goed voor elkaar met hun chauffeur/gids. Zij gaan morgen naar Nosy Be.