|
LOOPGROEP BLIXEMSNEL
Contactpersonen: Vincent Vloemans tel. 040 B.g.g.: Hans Willems tel. 040
|
Bewust ademhalen en loopefficiëntie Bewust ademhalen kan loopefficiëntie gunstig beïnvloeden - een inleiding
Een simpele definitie van hardlopen is: zich voortbewegen
met een zweefmoment(om het onderscheid met gaan(=wandelen) te benadrukken). De
definitie kan worden uitgebreid met een opmerking over het cyclische karakter en
dus het ritme wanneer we het over hardlopen als sport hebben. Bij een analyse
van onze in principe natuurlijke beweging is het fascinerend te ontdekken hoe
tot in de kleinste details die onderdelen en functies van het lichaam die
betrokken zijn bij het hardlopen(en dat zijn er nog al wat) op elkaar worden
afgestemd. Voor het overgrote deel gebeurt die coördinatie onbewust. Maar ons
bewustzijn kan wel worden gebruikt om veel (delen van) bewegingen en
lichaamsfuncties waar te nemen en te sturen. We hebben het hier over een
belangrijk uitgangspunt van als het goed is, iedere hardlooptraining. Een
centrale rol bij de totale bewegingscyclus van het hardlopen speelt de
ademhaling. Het is opmerkelijk dat in de trainingsleer deze rol zo weinig wordt
onderkend.
Hyperventilatie is een verkeerde manier van ademhalen waarbij u te snel of te diep ademt zonder dat dit nodig is zoals bv. tijdens een zware fysieke inspanning. Ademhalen doen we vanzelf. We ademen daarbij zuurstof (O2) in en koolzuurgas (CO2) uit. De ademhaling past zich aan bij wat we doen. Tijdens de slaap hebben we bijvoorbeeld niet zoveel zuurstof nodig, dus dan is de ademhaling rustig. Bij grote inspanning is meer zuurstof nodig en ademen we sneller. Als je, zoals bij hyperventilatie, te snel en te diep ademt wanneer je ergens rustig zit, adem je te veel zuurstof in en daalt de hoeveelheid koolzuurgas (CO2) in het lichaam (respiratoire alkalose). Bij een tekort aan CO2 ontstaat vaatvernauwing, waarbij een vermindering van de bloedvoorziening van de hersenen optreedt en de zuurstof minder goed aan de weefsels wordt afgeven. Dit kan een aantal vervelende verschijnselen veroorzaken zoals:
Hyperventilatie kan een eenmalig verschijnsel zijn, maar het kan ook regelmatig terugkomen. Bij een chronische hyperventilatie kunnen allerlei vage klachten optreden terwijl de kortademigheid niet zo uitgesproken is, waardoor de patiënten soms lange onderzoeken moeten ondergaan voor de oorzaak wordt gevonden. Oorzaak Hyperventilatie kan optreden wanneer u erg zenuwachtig gespannen of angstig bent of na een periode van verhoogde stress, na een woede-uitbarsting, enz. Ook overbelasting of oververmoeidheid kunnen een rol spelen. Het lichaam maakt dan stresshormonen aan, zoals adrenaline, alsof het zich voorbereidt op een inspanning. U gaat vanzelf sneller ademhalen en uw hart gaat sneller kloppen. Bij mensen die al langer hyperventilatieklachten hebben, treden de klachten nogal eens op na een inspanning. Ook angst voor een aanval kan een nieuwe aanval uitlokken. Soms treedt hyperventilatie op na langdurig cafeïnegebruik. Bij sommige patiënten met klachten en symptomen vergelijkbaar met chronische hyperventilatie is er sprake van (lichte) hartklepstoornis (mitralisklepprolaps). Behandeling Om een aanval te voorkomen is het zaak om langzaam en minder diep te ademen. Dit is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan. - Neem bijvoorbeeld drie seconden om in te ademen en zes om uit te ademen. Tel in gedachten langzaam mee: in 2-3-uit-2-3-4-5-6 in-2-3-uit-2-3-4-5-6, enzovoort. - Soms helpt het om uzelf af te leiden. Bijvoorbeeld door bij een aanval oefeningen te doen zoals kniebuigingen of door hardop te lezen. - Probeer na te gaan waarom bepaalde situaties spanningen oproepen. Het kan zijn dat u zich niet van angst of spanningen bewust bent, maar dat u wel last heeft van de verschijnselen. - Het kan helpen wanneer u opschrijft in welke situatie u de verschijnselen krijgt. - Een hyperventilatie-aanval kan u bedwingen met een noodmaatregel: hou een plastic zakje voor neus en mond en adem de daarin uitgeademde lucht die rijk is aan CO2 opnieuw in. Op deze manier komt de hoeveelheid CO2 binnen een tot anderhalve minuut, weer op peil en zullen de klachten spoedig verdwijnen. - Behalve een plastic zakje als noodmaatregel tegen hyperventilatie, kan u ook een stuk tuinslang nemen van ongeveer een halve meter. Wanneer u daardoor in- en uitademt, zal u bij elke ademhaling eerst de lucht inademen die nog in de slang zit, dus de lucht die u net hebt uitgeademd. - Bij steeds weerkerende klachten kan het nodig zijn dat u ademhalingsoefeningen doet waarbij u leert ademhalen door de buik. Zit in een stoel en probeer alleen met de buik te ademen. U kan dit het best controleren door de handen op de buik te houden. Eventueel kan u iemand anders laten toekijken. Volg daarbij volgend ritme: inademen -2-3, uitademen -5-6-7-8-9 / in 2-3, uit 5-6-7-8-9 enzovoort. Per tel neemt u ruim een seconde. Wanneer naar de huisarts? Neem contact op met uw huisarts:
Bron: http://www.tigch.nl/medisch/kortademigheid.htm
Ademhaling en hyperventilatie en Tai Chi Tao Het wegnemen van de oorzaak. Begin nooit direct met ademoefeningen. Verander je houding, ontspan, en door een lossere houding en oefeningen om je buikgebied soepeler te maken, los je de oorzaak op. Als je ademproblemen hebt dan hoef je in tai chi tao niet direct ademoefeningen te leren. Hoe doen we het in Tai Chi Tao? Op een ongedwongen, zelfs speelse manier, gaan we eerst het bekkengebied losmaken en de lichaamshouding verbeteren. Als je daarmee klaar bent dan zakt de ademhaling, die veel te hoog zit, vanzelf weer terug in je buikgebied. Als het in je buikgebied allemaal gespannen zit en je ademt door een gespannen houding hoog vanuit je borst, dan is het onlogisch direct een buikademhaling aan te leren. Ademen moet weer een natuurlijk proces worden en blijven. Daarom moet je nooit een buikademing mechanisch aanleren. Ademhaling is een vanzelfsprekend iets. Als je slaapt adem je rustig door. Je staat er nooit bij stil hoe het werkt. Totdat je er problemen mee krijgt: een te zwakke adem, kortademigheid, snelle ademhaling in een rustpositie, benauwdheid, hyperventilatie. Als alles goed is, dan hoef je niet aan je ademhaling te denken. Als je bijvoorbeeld een mooie boek leest of een priegel-werkje doet, dan adem je ineens te oppervlakkig of te zwak. Soms merk je dat je bijna niet ademt, maar je lichaam/zenuwstelsel merkt het wel. Er komt ineens een zucht: een diepe inademing met een flinke ontspannende uitademing. Een zucht van verlichting als correctie om het evenwicht te bewaren. Behalve een zucht is geeuwen ook een correctie. Je ademproces is flexibel en past zich aan in alles wat je doet. Je hoeft er niet bij na te denken. Maar door allerlei omstandigheden kan je natuurlijke ademhaling worden verstoord. Een flexibele aanpassing is er dan niet meer. Het is net als ineens alles averechts werkt. Het geeft een negatieve weerslag op je totale gezondheid. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- Hyperventilatie (EEN LINK: HYPERVENTILATIE) Bij hyperventilatie is je uitademingscapaciteit te zwak. Je ademt teveel en vaak te snel in en te weinig uit. Hyperventilatie is dus een toestand waarin je uitademing te zwak is. Je krijgt dan teveel zuurstof binnen, meer dan je lichaam op dat moment kan verwerken. Daardoor ontstaat er een tekort aan koolzuurgas. Daaraan gaat natuurlijk wel het een en ander aan vooraf: spanning en angst. Spanning en angst vernauwt de bloedvaten, versnelt de ademhaling, jaagt je op, veroorzaakt hartkloppingen en verstoord de bloedcirculatie. Van het een komt het ander. Bij een aanval van hyperventilatie kun je in een papieren- of plasticzak in en uitademen en het beetje uitgeademende koolzuurgas dus weer inademen om het tekort zo weer aan te vullen. Maar dat is natuurlijk symptoombestrijding. Mij hebben ze ook wel eens gevraagd om ademtechnieken om als je een aanval voelt aankomen te onderdrukken. Die tip geef ik nooit. Want het neemt de oorzaak van het ademprobleem niet weg. Natuurlijk proces Hoe krijg je hyperventilatie? Hoe krijg je ademproblemen? Daarom moet je weten wat de ademhaling in feite doet. Het ademen zorgt voor levenskracht. Ademen vitaliseert of geeft je rust. Ademen is een proces om levenslucht op te nemen en gassen weer uit te stoten. Het is een wisselwerking. Na het inademen neem je chi op en bij het uitademen gaan de afvalgassen naar buiten. Het is een wisselwerking. Bij dit proces wordt het bloed gebruikt voor het vervoer van zuurstof. De ademhaling moet een vanzelfsprekend iets zijn. Als organisch proces regelt de ademhaling zichzelf. Het ademen wordt beheerst door het autonome en het onwilligkeurig zenuwstelsel. Als je tegen de wind in moet fietsen, of de trap op en neer loopt, dan past de ademhaling zich aan en begin je te hijgen om meer zuurstof op te nemen om die arbeid te kunnen verrichten. Stop je met die inspanning dan is bijvoorbeeld na 10 seconden het hijgen over. Maar de ademhaling kan worden beïnvloed door bijvoorbeeld emotionele situaties. Een mens staat bloot aan allerlei invloed van buitenaf en dat kan doorwerken op je gemoedstoestand. Invloeden die op je inwerken zijn onder anderen: vreugde, droefheid, zorgen, gezinsomstandigheden, trauma's, werkomstandigheden en ontwikkelingen in de samenleving. Onder invloed van energie Ook weersomstandigheden en kosmische invloeden werken op je in. Als het flink koud is loop je te rillen en blijf je liever bij de kachel. Als het te lang regent mopper je en heb je het over vies weer. Als de zon lekker schijnt ben je in een goed humeur, maar als het snikheet is loop je weer te mopperen. Soms werken de invloeden heel sluipend en heel subtiel op je in, soms heel heftig. Ook voeding is van invloed. Voedsel is energie, brandstof voor je lichaam en geest. Te weinig of slecht voedsel vertoort de weerstand. De kwaliteit van ons voedsel is door bewerking, ontkrachting en toevoeging van allerlei stoffen een zwakke en vuile energie geworden. Ook dat heeft invloed op je ademhaling en je gemoedstoestand. Ook de manier waarop je leeft en hoe je beweegt, gespannen, stressig of ontspannen, heeft invloed op je ademhaling. Het ademcentrum (het autonome zenuwstelsel) kan ondanks zijn autonomiteit dus toch beïnvloed worden. Het kan deels ook beïnvloed en verstoord worden door het willekeurig zenuwcentrum: zo kunnen bijvoorbeeld spieren, pezen, gewrichten, maar ook gedachten en emoties de ademhaling beïnvloeden. Er is sprake van een onderlinge afhankelijkheid. Niet alleen actie Het lichaam bestaat uit meer dan alleen spieren en longen. Het is een misverstand dat je door alleen actie en zweet een goede conditie krijgt. Enkele voorbeelden. Ik kreeg een telefoontje uit Rotterdam van een man die hyperventilatie had. Hij snapte er niets van dat hij ademproblemen had gekregen, want hij was een verwoed wielrenner met een goede conditie. Hij vergat de andere factoren, zoals emoties, stress, werkdruk enzovoort. Een man uit Hoogeveen, toevallig ook wielrenner, meldde zich bij me met eveneens hyperventilatie. In dezelfde maand kwam er een voetballer bij. Een vrouw van 32 jaar uit Hoogerheide belde mij. Zij had al circa 8 jaar last van hyperventilatie. Dat wist ze pas 3 jaar. De jaren daarvoor kon haar huisarts er niet achter komen wat ze precies mankeerde. Hij besloot haar te laten onderzoeken. Conclusie hyperventilatie. De behandeling: ademoefeningen onder leiding van een fysiotherapeut die haar ook op een hometrainer zette. Zij moest er uit halen wat ze kon en ze moest ook elke dag 200 tot 300 meter hard lopen. Dat zou haar longen sterker maken. Het hielp allemaal niets, vertelde zij. Als zij er iets van zei werden haar twijfels weggewimpeld. Haar gevoel zei dat ze met een verkeerde methode bezig was. Inderdaad. In de Westerse denktrant wordt er van uitgegaan dat je ademoefeningen moet doen om de ademhaling onder controle te krijgen, dus inademen en buik uitzetten en uitademen en buik intrekken. Omdat ze door hyperventilatie was verzwakt dacht men dat ze maar moest hardlopen en op de hometrainer moest trainen. Dat zou haar conditie opvijzelen. Het is een conclusie die prestatiegericht is en een gevolg van de westerse manier van leven. Constante actie is echter tegennatuurlijk. Zowel bij astma als bij hyperventilatie krijgen de longen teveel vuur. Inspanning is ook vuur (yang) en je moet nooit vuur bij vuur doen. Bron: www.jankraak-taichitao.nl
|
|
Last modified: 05-jun-2007 |