|
|
|
|
Westernieland:
bijzonderheden van de ned. herv. kerk
KERK:
Deze dateert uit het
midden van de 13e eeuw; het dorp, ontstaan op een onbedijkte kwelder, heette toen
nog ‘Mariaburen’. na de bedijking werd dit door de bewoners ‘Nylandt’ genoemd,
later Westernylandt ter onderscheid met Oosternylandt bij Roodeschool. De
Romano-Gotische kerk is naar het oosten gericht en heeft een recht gesloten
koor. In 1831 zijn de spitsboogvensters vergroot en de muren bepleisterd. Er
bevinden zich thans in de beide zijgevels 4 grote spitsboogramen alsmede 2
stuks in de oostgevel ter weerszijden van de preekstoel.
Vlgs mededelingen in
"Oud-Groningen, Stad en Lande" zou in 1831 bij (deze) 'zogenaamde
herstelling' het kerkje zijn overwelving 'verloren' hebben en werd het
overzolderd.
De draagbalken van deze overzoldering zijn in
later stadia voor een deel van aangelaste ondersteuningsbalkjes voorzien.Tussen
juni 1958 en de tachtiger jaren zijn er door gemeenteleden uit het dorp o.a.
werkzaamheden aan dak en interieur verricht Begin jaren negentig kwam de kerk
op de lijst van Monumentenzorg en in 2000 bleek dat de restauratie met urgentie
moest worden aangepakt.
RESTAURATIE
2001-2003. Bij het vooronderzoek voor deze
recentelijke 'restauratie' bleek dat de vochtproblemen in de kerk (doorrotten
van balken) voor een groot deel veroorzaakt werden doordat zowel aan de
buitenzijde als aan de binnenzijde met een harde cementpleister was gewerkt.
Bij het verwijderen
van de pleisterlaag aan de binnenzijde werden restanten gevonden van een
drietal overwelvingen, waarvan die in het koorgedeelte het duidelijkst is.
Gezien de grotere dikte van de binnenmuur in dit deel, alsmede het feit dat er
een niet-ingeboete naad met het achterste deel is, en er ook enkele voor de
eredienst-functionele dichtgezette nissn in dit deel aanwezig zijn, duidt alles
erop dat het koorgedeelte de oorspronkelijke laat-romaanse overwelfde kerk is.
Reeds in de Romaans-Gotische
tijd moeten de achterste twee overwelvingen zijn aangebouwd. In de meest
westelijke van deze overwelvingen zijn zowel in de Zuid als de Noordgevel
(twee) dichtgezette zij-ingangen gevonden. Ook in beide aangezette
overwelvingen zijn enkele dichtgezette nissen, mogelijkerwijs hebben hier
heiligenbeelden in gestaan in de voor-protestantse tijd.
(Een indruk van hoe de kerk er 'met'
overwelvingen zou hebben uitgezien is te verkrijgen in de N.H.Kerk te Den
Andel, met dit verschil dat bij de laatste de kerk iets breder van opzet is en
4 overwelvingen bezit. Waarschijnlijk is de ingang hier van het begin af
centraal aan de westzijde is geweest, aangezien hier de buitenmuren niet
bepleisterd zijn en toch geen sporen van zijingangen te zien zijn. In de oostgevel
zijn hier twee dichtgezette rondboogramen te zien.)
Bij de 'restauratie'
van 2001 is het dak met de draagbalken van de overzoldering onder handen
genomen. De binnenmuren en het onderste deel van de buitenmuren zijn, na
herstel van de voorafgaande sloopschades en invulling van scheuren e.d.,
voorzien van een ademende kalkmortel. Helaas is dit niet vlekkeloos verlopen
waardoor deze mortel dreigt los te komen van de kloostermoppen en opnieuw
verwijderd en vervangen dient te worden. (Bij de oplevering van de
gerestaureerde kerk in januari 2003 is er een uitzondering gemaakt voor o.a.
het stucwerk, omdat toen al problemen konden worden voorzien.)
Voorts is de vrije
ruimte in het koor vergroot en achterin de kerk ruimten voor een eenvoudig
toilet en keukentje afgescheiden. De banken zijn overgeschilderd in een
imitatie-antieke kleur om de oorspronkelijke eikenkleur te suggeren; ter
verbetering van het zitcomfort zijn de zittingen verbreed en de rugleuning enigszins achterover
hellend uitgevoerd.

TOREN
De lage zadeldaktoren
is iets jonger, uit de 14de eeuw, en later sterk gewijzigd. In1877
zou ook deze Westtoren aan de noordzijde gepleisterd zijn In de twintiger jaren is aan de westzijde een
extra steunmuur geplaatst, en werd de toren beklampd. Door gebruik van een niet
'passende' steensoort, heet de toren 'geschonden'.
PREEKSTOEL:
Deze dateert uit 1660
en heeft een rijk gesneden kuip met onder andere het wapen van Schotto Tamminga
uit Bellingeweer. Bij de restauratie 2001-2002 is beschadigd houtwerk voor
zover noodzakelijk hersteld. Verder zijn de oude vernislagen verwijderd en na
(foute) inkleuring weer in was gezet. Er wordt nog gezocht naar fondsen om een
deugdelijke restauratie te kunnen realiseren.
In het koor hangt
verder een koperen kaarsenkroon die in 1897 geschonken is door de toenmalige
bewoners van Zijlbrugge, een boerderij waarvan de geschiedenis sterk verweven
is met de geschiedenis van de kerk.
Het doopvont dateert uit de 18de eeuw en heeft
een smeedijzeren onderstel en een koperen schaal.
De Statenbijbel is van
Jacob Keur en dateert uit 1729. Dankzij diverse fondsen en particuliere
sponsoring kon deze in 2001 gerestaureerd worden.

ORGEL:Gebouwd
door fa.B..v.Oeckelen en Zoonen uit Harendermolen en geplaatst in 1893. In
verband met de beperkte inbouwruimte moest o.a. afgezien worden van een
bovenafsluiting van de kast. Het geheel staat op eenvoudige ijzeren pilaren.
BANKEN:
Met gesneden lijsten
(zgn. getelde geld) en knoppen. Nabij de kansel is een eenvoudig doophek
ACHTERSCHOT
HERENBANK:
Bij de restauratie
2001-2002 teruggeplaatst naar de oorspronkelijk plek tegen de Noordmuur. Gesneden wapen, waarvan herkomst onbekend.
Omschrijving: GEDEELD I: Op een rots een boom, waarboven een zegenende hand,
komend met voorarm uit een wolk schuinlinks. De hand is vergezeld van 3
sterren, t.w. 2 rechts en 1 links.
GEDEELD II: Een halve
adelaar met aan linkerzijde drie
klaverbladen onder elkaar.
RELIËF CRUCIFIX
tegen de zuidmuur.
Is gemaakt door
dr.v.Bruggen in de zeventiger jaren en
overgedragen op 3-12-1972
GRAFZERKEN
in de vloer.
Waaronder die ter
nagedachtenis aan de zijl-en dijkrechter Eyse Wiersema en zijn vrouw; is in
Lodewijk de XVI stijl. Sommige zerken zijn voorzien van bijzondere spreuken,
zoals o.a.
Hier ligt een exemplaar van Deugd
Van Vreugd en Reeden en van Zeeden
Een landman booven Veele
In bouwkunst uitgelesen
Een zanger zeer berucht
In Thoonen hoog verheeven
Een Kroon voor ’t naageslagt
Die Eeuwg wel zal weezen.
Het koor van de kerk
is niet afgesloten door een houten hek: Dit vindt zijn oorsprong in een
proces dat gevoerd werd tussen 1716 en 1718, en ging tussen de curator van
Westernieland en Tamminga van Bellingeweer, de toenmalige bewoner van
Zijlbrugge (boerderij bij Westernieland). Het hek zou moeten lopen over de
graven van zijn voorouders. Tamminga won het proces.

HET KERKHOF
Gelegen rond de kerk.
Heeft nog rijk gebeeldhouwde graven van een robbenjagersfamilie, Tjark Derks
1779-1871 en Jacob Tjarks 1815-1873. De graven zijn voorzien van mooie
spreuken.Voor het kerkhof en omgeving is door de stichting "Kerken in het
Groen" een plan gepresenteerd voor een grondige renovatie/restauratie die
na 2001 zal worden uitgevoerd en nu (voorjaar 2004) reeds grotendeels
gerealiseerd is.
HET DORP
De kerk en het dorp
hebben meerdere hoge watervloeden moeten doorstaan, o.a. de St Maartensvloed
van 12 op13 november 1686, (hierbij werden 38 huizen verwoest en kwamen 60
mensen om.)
De rampzaligste was
echter die van 25 december 1717. Bij deze overstroming kwam het water tot vóór
Groningen-stad en werd bijna het hele dorp weggespoeld. (Van de 50 huizen
werden er 35 volledig verwoest; van de 15 overige waren er slechts 4 nog direct
bewoonbaar door mensen en slechts in 2 konden zonder reparatie vee gestald
worden. Naast een groot deel van het vee kwamen er 78 mensen om terwijl er
slechts 16 de ramp op e.o.a. wijze overleefden.)
Ook de kerk heeft last
gehad van deze hoge watervloed :de deuren van de toren met een gedeelte van de
muur was weggeslagen, het water stond zeker een meter hoog en alle banken waren
op het koor gespoeld. De diakonieboeken en andere geschriften zijn eveneens
weggespoeld toen het huis van de diaken/boekhouder tot puinhoop werd. Hijzelf
kwam om in de golven.
Vóór de Kerstvloed van 1717 stond de kerk nog
midden in het dorp. Het dorp werd meer oostwaarts herbouwd , zodat nu de kerk
aan de westkant van het dorp staat.
DE WEEM: De
boerderij-pastorie aan de noordzijde van de kerk heeft aan een aantal ,later
bekend geworden, predikanten onderdak geboden.
De bekende cabaretier Freek de Jonge is hier geboren. Zijn vader was
hier predikant van 1942-1946. Van 1949-1953 was de bekende Alje Klamer hier
pastor.

kortom:
het kerkje van WESTERNIELAND:
een stilte plek, waar 5 kwartier in een
uur gaan.
