|
Actiecomité Behoud Woudweg e.o. Aandacht voor cultuurhistorische en natuurhistorische elementen Hoewel het rijk
en de provincies steeds meer rekening houden met cultuurhistorische waarden
bij de ruimtelijke inrichting van Nederland, ontbreekt in het Inrichtingsplan
fase 3 Holierhoek van de reconstructie van Midden-Delfland iedere aandacht
voor cultuurhistorische elementen. Daarnaast worden de aanwezige
natuurhistorische elementen in dit gebied onherstelbaar beschadigd in het
huidige plan. Bij andere reconstructiegebieden in Midden-Delfland werden
voornamelijk percelen weiland omgevormd tot recreatiegebied en natuurgebied
doordat de wegen vanuit de steden recht de polder inlopen. Goede voorbeelden
hiervan zijn de Krabbeplas en omgeving bij Vlaardingen en Moeder Aarde bij
Delft. In het geval van de Woudweg en Holyweg liggen de wegen vlak buiten de
bebouwing van Schiedam en Vlaardingen dwars op de bebouwing van deze steden.
Deze andere ligging van de wegen behoeft ook een andere benadering om niet de
kenmerken van deze oude polderwegen te verliezen. Juist hier biedt het gebied
kansen voor het integreren van recreatie met het boerenbedrijf. Het uitgangspunt daarbij zou het huidige hier nog vrijwel
ongeschonden cultuurhistorisch waardevolle veenweidelandschap moeten zijn en
niet de parkachtige constructies die elders zijn toegepast en die daar door
de loop van de wegen ook minder schade aanrichten aan het oorspronkelijke
karakter van het gebied dan in het geval van de Woudweg en Holyweg. De Woudweg en
de Holyweg bezitten nu nog vele belangrijke historische kenmerken die met de
huidige plannen voor het grootste deel dreigen te verdwijnen. Ze lijken te
zijn vergeten in het inrichtingsplan van Holierhoek en Woudhoek. Deze wegen
verliezen daarmee de grote aantrekkingskracht die er momenteel bestaat bij de
recreanten. Nederland kijkt tegenwoordig anders aan tegen de boeren en de
gebieden die de boeren beheren. De boer wordt tegenwoordig gezien als hoeder
van het prachtige Nederlandse landschap. Hier floreren nog de weidevogels en
is in de sloten massaal de zwanebloem aanwezig. Het authentieke karakter zal
gaan verdwijnen door de reconstructie. De verouderde reconstructieplannen
behoeven daarom aanpassing waarbij vooral aandacht moet zijn voor inpassing
in het bestaande landschap van recreatieve voorzieningen, het koesteren en
behoud van cultuurhistorische elementen en het waarderen en op waarde
schatten van de bestaande natuurwaarden. Het huidige weidelandschap moet als
uitgangspunt dienen en door voorzichtig en spaarzaam toevoegen van
recreatieve voorzieningen kan de interactie tussen boer en recreant zorgen
voor een werkelijke stad-land relatie. De
natuurhistorische elementen zoals de kreekruggen, de geriefbosjes en de
kavelstructuur zijn zaken waar je omzichtig mee moet omgaan. Het afgraven van
de kreekruggen is een onomkeerbare aantasting van de historie, alsof je de
kop van een historisch pand met een trapgeveltje sloopt. Onaanvaardbaar en
ongewenst geldt in beide gevallen. Eeuwenlang heeft men geploeterd om dit
gebied te ontginnen. De huidige kavelstructuur is eigenlijk al lang niet meer
economisch gezien het beste maar is wel mede bepalend voor de schoonheid van
dit stukje Midden-Delfland. Sommige stukken zijn daarbij zo laag dat er
sprake is van een natuurlijke plas-dras situatie. De kavelstructuur en de
kreekruggen dienen uit historisch perspectief zoveel mogelijk intact te
blijven en de recreatieve voorzieningen dienen afgestemd te worden op het
landschap. De aanwezige
cultuurhistorische elementen zouden zoveel mogelijk behouden moeten blijven.
Onderhoud en herstel is hierbij onontbeerlijk zodat
deze zaken nog lange tijd het landschap kunnen blijven sieren. We hebben het
in dit geval uitsluitend over zaken die door de reconstructie eigendom zijn
geworden van DLG. · Er staan in dit gebied nog een aantal weidemolentjes als stille
getuigen van een werkzaam leven in het droog houden van percelen die lager
liggen dan gemiddeld in deze polder. Deze molentjes staan op land wat
inmiddels in het kader van de reconstructie eigendom is van Dienst Landelijk
Gebied (DLG) van het ministerie van LNV. Één molentje dat zelfs nog voorzien
was van houten wieken is al weer jaren geleden verdwenen, het fundament staat
er nog. Daarnaast staat er achter de boerderij van Langelaan langs de Holyweg
nog één en staat er nog één aan het begin van de Woudweg. Deze laatste is
vanaf de Breeweg goed zichtbaar in het landschap. De molentjes worden niet
genoemd in het inrichtingsplan en worden al sinds de overdracht van de grond
naar DLG niet meer onderhouden. · Op het Schiedamse deel van de Woudweg ligt nog een strontgoot in
de berm. Ook deze strontgoot die het verleden van voor de
landbouwmechanisatie zo mooi weergeeft, verdient ook opname in het plan. Alle
boeren vaarden vroeger de hele winter met de schuit de mest naar mestvaalten
in het land om in het voorjaar te kunnen verspreiden over het gras. · Alle houten hekken lijken het veld te moeten ruimen, soms in
slechte staat maar bijna zonder uitzondering karakteristiek en met een
verhaal. Bij het vervangen door nieuwe hekken wordt gekozen voor de standaard
gegalvaniseerde hekken waar juist DLG de financiële mogelijkheden heeft om
indien nodig de slechte hekken te vervangen door mooie zwart geteerde (met
teervervangers uiteraard) houten exemplaren. · Langs de Woudweg zijn daarnaast nog vele kenmerkende oude
schuurtjes en melkstalletjes in het land te vinden. Sommigen voorzien van
asbestplaten, die moeten dus zo snel mogelijk worden gesaneerd. Er staan
echter ook een aantal schuren met mooie oude pannendaken in het land. De
mooiste schuur waarin ook al jaren een uil huist, is gered van de dreigende
sloop. Er staan echter nog meer schuren die het waard zijn om te behouden,
schuren die door de reconstructie eigendom zijn geworden van DLG. · Ook oude bruggetjes die toegang verschaffen naar de verschillende
percelen verdienen aandacht. Zelfs van deze ogenschijnlijk zo gewone zaken
zijn verschillende unieke, mooie exemplaren te vinden langs de Woudweg. In het
rijksbeleid heeft de kwalitatieve rol van de cultuurhistorie bij ruimtelijke
ontwikkelingen inmiddels veel weerklank gekregen. In de plannen voor dit
gebied zijn deze elementen, die juist zo kenmerkend zijn voor een rijk
verleden niet benoemd terwijl ze juist een prominente plaats in dit plan
horen te hebben zodat ook toekomstige generaties het verleden nog zelf kunnen
beleven. Via de agrarische natuurvereniging
Vockestaert kan er op dit moment door boeren en particulieren in dit gebied
subsidie worden aangevraagd voor investeringen in landschap en
cultuurhistorie. Via het Groenfonds, via het DOP-NOAP fonds en via subsidie
van Landschapsbeheer Zuid-Holland hoopt men op deze manier cultuurhistorische
elementen en landschapselementen op terrein van boeren en burgers te behouden
voor de toekomst. Het is daarom opmerkelijk dat in het inrichtingsplan voor
Holierhoek en Woudhoek met geen woord gerept wordt over het behoud van cultuurhistorische
elementen terwijl daarnaast belangrijke natuurhistorische elementen zelfs
dreigen te verdwijnen door de plannen. Via de Belvédère subsidieregeling is ook behoud van
cultuurhistorische elementen mogelijk en op Belvédère kaarten staat de Woudweg
als waardevolle lintbebouwing aangegeven. Waarom
rietmoeras aanleggen terwijl een paar honderd meter verderop vereniging
Natuurmonumenten zijn uiterste best doet om de oude hooilanden in
natuurgebied de Vlietlanden rietvrij te krijgen en te houden. Het in dit
gebied creëren van “Vinex-natuur” zorgt voor onherstelbare schade in dit van
onschatbare historische waarde zijnde typisch Nederlands weidelandschap. Met
het creëren van “Vinex-recreatie” jaag je de recreanten weg die de
natuurhistorie, de cultuurhistorie en de boerennatuur komen opsnuiven, die
zich daarom hier zo thuis voelen. Mensen die zich bij het gebied rond de
Krabbeplas of Moeder Aarde door het parkachtige karakter juist niet thuis
voelen. Ook voor deze recreanten moet plek blijven in Midden-Delfland. De
Woudweg en de Holyweg lijken geschapen voor dit doel. Aanpassing van de
huidige plannen is daarom zeer gewenst. Augustus 2005 |